Posts Tagged ‘Vizcaya’

Uit de Bermudadriehoek in de pan

03/03/2016

IMG_5586

Het is een ongelooflijk verhaal, maar deze witte sliertjes van zo´n twee tot drie jaar oud, niet groter dan een lucifer en een gewicht van minder dan een gram, hebben een enorme wereldreis achter de rug. Zo´n twee of drie jaar geleden vertrokken ze uit de Sargassozee, een zee aan de westrand van de Atlantische oceaan, waarin een deel van de Bermudadriehoek ligt. Ze lieten zich meevoeren op de stroming, langs de Azoren op weg naar de Europese kust. Daar draaiden ze om de noordwesthoek van Galicië heen, volgden de Cantabrische kust en besloten ter hoogte van Santurtzi de Ría de Nervión  in te slaan, richting Bilbao. Ze zwommen onder de Puente Colgante door, kwamen langs het Guggenheimmuseum, langs de markt aan de rand van de oude wijk en een stukje verderop, bij La Peña, waar het zeewater het water van de rivier ontmoet, liepen ze in de fuik. In het holst van de nacht. Op de dag hadden ze zich nog stil gehouden op de bodem van de rivier, omdat ze het daglicht niet kunnen verdragen, maar ´s snachts hadden ze hun spitse snuitje opgericht, priemden de kleine zwarte kraaloogjes naar IMG_5589het wateroppervlak en rrrratsss, met één haal van het schepnet werden ze uit het water gehaald. Zo moet de reis van deze glasaaltjes er ongeveer hebben uitgezien. Ze waren terug op de plaats vanwaar hun ouders, jaren geleden waren vertrokken.  Angulas heten ze in het Spaans en ze zijn een delicatesse in de Spaanse, met name Baskische, keuken. De prijs schommelt rond de 400 tot 500 euro per kilo. Rond de Kerstdagen loopt de prijs nog verder op. De glasaal is de enige jonge vis die mag worden gevangen. In Noord-Spanje loopt het visseizoen tot eind februari. De aaltjes worden levend meegenomen naar huis en gaan dan in een pan kokend water met tabak. Daarna worden de glibberige beestjes van hun slijm ontdaan. In Vizcaya is het de traditie om de angulas te bereiden in olijfolie met knoflook en Spaanse pepers. Zo verschenen ze een paar dagen geleden ook op tafel in de jaarlijkse angulada waar vrienden uit Bilbao me voor hadden uitgenodigd. Een keer per jaar is zo´n culinair feest nog wel te betalen. Toen in de jaren tachtig de rivieren zo vervuild waren dat er nauwelijks nog glasaaltjes werden aangetroffen, besloot de belangrijkste onderneming van angulas, Arguinaga uit Orio, om een surrogaat op de markt te brengen onder de naam Gulas del Norte. Maar het verschil in smaak gaat veel verder dan de naam doet vermoeden. Gulas is niet meer dan vermalen witvis als koolvis en blauwe wijting. De Japanners noemen het surimi. Om de Gulas op de echte glasaal te doen lijken worden er zelfs kleine zwarte oogjes aangebracht. Maar wie ooit angulas heeft geproefd zal zich nooit laten foppen door een gula. 

Anuncios

Een sprookjespaleis in de straat

24/02/2016

IMG_5543

De lente is het seizoen dat alles in de natuur laat ontluiken. Maar dezelfde natuur heeft er in de herfst en winter voor gezorgd dat dit prachtige kasteel nu uitgebreid kan pronken.  Weliswaar met behulp van het grondige snoeiwerk van wat hoveniers. In de zomer komen slechts de kleine torentjes met kantelen als kronen boven het groen uit. Maar nu zien we aan de andere kant van de muur ook de ramen, ontworpen in de neo-mudéjarstijl. Meer is er van het kasteel niet te zien. Dichterbij komen is onmogelijk door de enorme muur die om de tuinen van het kasteel is opgetrokken. Het kasteel staat een stukje verderop bij ons in de straat. Bij het kasteel gaat de straat de tunnel in. Tegenover het kasteel, aan de andere kant van de straat, staat een paleis, ontworpen in dezelfde eclectische stijl. Paleis en kasteel waren eigendom van Luis de Ocharán Mazas. Hij was eigenaar van de mijnen van Alén in Vizcaya. In 1895 kocht Ocharán in Castro een terrein van zeven hectare en liet castilloyplacio_antes-y-despuc3a9sdat inrichten met een paleis, een kasteel, een sterrenwacht, een kapel, een Oosters paviljoen, vijvers en een botanische tuin. De architect Eladio Laredo, geboren in Castro Urdiales, ontwierp de verschillende gebouwen. Ocharán en Laredo vormden dezelfde tandem als Guëll en Gaudí in Barcelona. Aan de Gran Vía in Madrid ontwierp Laredo voor Ocharán een stadspaleis, het andere gebouw ´op de kop´ pal achter het Metrópolis, met de reclame van Rolex op de gevel, Gran Vía nummer 1.  Laredo basseerde zijn werk op de historische architectuur, een stijl die paste in de stroming van het Modernisme en Jugendstil, waar neo-stijlen als gotiek, mudéjar en renaissance samenvloeiden. Hierboven een foto uit 1914 van het recent voltooide kasteel en op de achtergrond het paleis. 

Het paleis is opgetrokken in de stijl van de Italiaanse villa´s van Paladio, aangekleed met marmer en keramiek. Vanuit zijn paleis zag Ocharán de pier in de haven, waar de schepen werden geladen met ijzererts uit zijn mijnen. Het was zijn privé-pier waar hij kon aanleggen als hij met de boot vanuit zijn geboorteplaats Bilbao naar Castro Urdiales kwam. De pier heet nog steeds ´muelle de Don Luis´. Tussen het paleis en het kasteel liep het spoor waarover de treinen van zijn mijnen naar de haven van Castro reden, aangelegd langs het spoor dat Castro Urdiales met Bilbao verbond. Bij het landgoed van Ocharán gingen de treinen de tunnel in, zodat de zakenman eenvoudig over het gazon boven de tunnel van het paleis naar het kasteel kon wandelen.

In de jaren zeventig betrok Miguel de la Vía het complex. De La Viá was eigenaar van de steengroeve in Santullán, een dorp in de buurt van Castro, en had IMG_5548verschillende constructiebedrijven. Naast het paleis en kasteel van Ocharán hoorde ook het kasteel van Loizaga in Galdames tot zijn bezit. In dat kasteel bracht hij zijn 43 Rolls Royces onder, de grootste collectie van Europa. In 2009 overleed De la Vía. Zijn familie komt sporadisch naar het landgoed in Castro. De gemeente wil nu een deel van de tuinen openstellen voor het publiek en heeft daarvoor een overeenkomst uit de la gehaald die ruim vijftien jaar geleden tussen gemeente en De la Vía werd getekend. De la Vía mocht zijn steengroeve uitbreiden en in ruil daarvoor kreeg de gemeente een deel van de tuinen van het landgoed in bezit om als stadspark in te richten. Maar niemand weet wanneer die plannen worden uitgevoerd. We wandelen langs de hoge muur, langs een deur die potdicht zit en steken daarna de straat over om door een laan langs een andere muur, bekleed met mos, naar beneden te wandelen, naar de voorkant van het paleis. Ook daar is het hekwerk hermetisch gesloten en worden pottenkijkers gewaarschuwd dat de waakhonden bijten. Daar staan we dan. Cultureel erfgoed achter de tralies, maar de straf is voor de liefhebber van cultuur. Ik kijk naar mijn zoontje en ik hoop dat hij de Schaduw van de wind voelt. Dat dit sprookjespaleis achter het hekwerk het Aldaya Palazzo bij Tibidabo in zijn dromen wordt. Aan dat avontuur heeft hij zijn naam toch een beetje te danken. En een beetje aan papa, en een beetje aan de glimlach van de profeet Daniel in het portaal van de Glorie in de kathedraal van Santiago de Compostela.