Posts Tagged ‘Maragatos’

Dag León

31/05/2011

Voor alle lezers die dit weblog vooral volgen om te weten waar ik uithang, ik ben niet in León, maar in Bilbao. Maar de laatste weken heb ik veel gereisd, langs veel verschillende plaatsen. Ik loop een beetje achter. De foto boven deze post nam ik een paar weken geleden. Op de achtergrond van de foto, tussen de bomen, ligt de brug over de rivier de Bernesga. Aan de zijkant is nog een deel van de honderd meter lange gevel te zien van de parador van San Marcos. Het is het laatste dat de pelgrim ziet van León als hij de stad verlaat. Voor hem ligt dan een groot bedrijventerrein, een knooppunt van wegen en pas daarachter liggen de heuvels van het land van de Maragatos. De wandeling over de brug, het besef afscheid te moeten nemen van León, is voor veel pelgrims een moeilijk moment. León ligt als een oase aan het einde van de hoogvlakte. Na dagen omringd te zijn door graanvelden en te hebben overnacht in kleine, verlaten dorpjes als Bercianos del Real Camino of Calzadilla de la Cueza is het een verademing om in León aan te komen. Wij kwamen nu vanuit Salamanca, en dan proeft León als een gewone Castiliaanse stad met lang niet zo´n mooie plaza mayor. Op het enorme plein is maar één terras, verstopt in een hoek van het plein.  Maar vier jaar geleden kwam ik León binnen over de pelgrimsweg, na een korte etappe vanuit Mansilla de las Mulas om al rond de middag in León aan te komen. Om half één stond er al een rij pelgrims voor de officiële pelgrimsherberg, zelfs fietsende pelgrims hadden besloten het die dag verder voor gezien te houden en te genieten van León. Er is geen betere plaats om dat te doen dan in de wijk Húmedo, de vochtige wijk, waar het vocht in de vorm van de heerlijke crianza wijn uit de Bierzo rijkelijk stroomt. Die sfeer, en toegeven ook de wijn, proef ik steeds weer als ik in León ben. Bij het laatste bezoek trof ik het niet. La Bicha was opnieuw gesloten. Daar kwamen de twee toeristen op de foto hier links, ook achter. Je kunt er de lekkerste revuelto de morcilla, bloedworst-roerei,  van heel León eten, al moet je daarvoor wel de meest chagarijnige bareigenaar van heel León voor lief nemen. De bar valt helemaal uit de toon op het verder zo gezellige plein van San Martín, maar als de bar is geopend, puilt die ook helemaal uit. Vlak achter de plaza de San Martín, in het straatje van Azabachería, waren El Besugo en La Parilla del Húmedo wel geopend. In El Besugo hoor je vermouth te drinken, een soort martini, en in La Parilla een rode wijn uit de Bierzostreek. In de laatste bar hebben ze ook de prettige gewoonte om de gast een klein hapje aan te bieden. Aan het einde van de calle Azabachería, net om de hoek, zit ook nog bar El Flechazo, een bar die vooral vroeg in de avond populair is. Ideaal voor de pelgrim, want die kan het niet al te laat maken. Om half elf doen de nonnetjes de deuren van de herberg op slot.

 

Heilig jaar in Santiago

19/07/2010

Iets meer dan een week geleden belde José. Dat ik me de nederlaag van Oranje maar niet teveel moest aantrekken. Wat een zelfvertrouwen! De finale moest toen nog worden gespeeld. Hij belde vanuit Villafranca del Bierzo, waar hij een dag later met zijn dochter aan de pelgrimstocht naar Santiago zou beginnen. Vorig jaar liepen we samen nog de zogenaamde primitieve route van Oviedo naar Santiago. Volgens José was het niet druk op de route, ondanks dat het dit jaar toch een Heilig jaar is in Santiago, want 25 juli, de dag van Jakobus, valt op een zondag. Ik liep de tocht voor het eerst in 2007 vanuit St Jean Pied de Port over de zogenaamde Camino Francés. Toen ontmoette ik José en een maat van hem in de buurt van Atapuerca bij Burgos. De manier waarop zij de tocht liepen, beviel me goed. ´s Ochtends op tijd weg om zo rond een uur of drie aan te komen bij de volgende herberg. Even douchen, uitrusten en vervolgens een heerlijk glas bier drinken om daarna te gaan eten. Een soort cultureel-gastronomische pelgrimstocht. Toen José me vertelde dat hij in Villafranca del Bierzo was, moest ik terugdenken aan drie jaar geleden toen ik daar samen met Eduardo meer dood dan levend aankwam na een tocht van 45 kilometer van Manjarín naar Villafranca bij een temperatuur van bijna 40 graden. Maar we moesten die dag wel in Villafranca aankomen, omdat de vader van Eduardo die dag ook in Villafranca aankwam om het laatste stuk door Galicië met zijn zoon te lopen. Ik kon me nauwelijks staande houden onder de douche, maar daarna kenden we een wonderlijkbaarlijke herrijzenis en voelden we ons zo goed dat we beneden in het plaastje nog even een biertje gingen drinken op het terras. Nog nooit smaakte de eerste slok bier me zo goed. Het was een tercio (de iets grotere fles) Estrella Galicia. Villafranca is het voorportaal van Galicië. En zo had iedere streek zijn specialiteit. In León dronken we heerlijke rode wijn, crianza del Bierzo, in Melide aten we inktvis (bij Ezequiel!) en in Santiago wachtte een enorme visstoofschotel op ons. Maar laat ik ophouden, dit jaar heb ik geen recht van spreken, bovendien staat het internet vol met verslagen van pelgrims. Wie toch nog meer wil lezen, hiernaast, onder mijn profiel, staat het verhaal dat ik twee jaar geleden schreef over de etappe door het land van de Maragatos. Bovendien is het ook tijd voor een biertje.