Posts Tagged ‘Lissabon’

Onder de tram 28

21/04/2014

178

Van een afstand leek het een rij toeristen die op tram 28 stond te wachten in de rua de Conceiçao. Dat zou ook niet verwonderlijk zijn geweest. Ten eerste is deze tramlijn het meest populair bij de toerist omdat hij de drie historische wijken Baixa, Alfama en Barrio Alto aandoet. Bovendien was het palmzondag en het leek wel of heel Spanje was afgereisd naar de Portugese hoofdstad. Weer een teken van de crisis in Spanje. Wel wegwillen, maar dan naar een goedkoop land, dat niet zover weg ligt. Dus dan maar naar de hoofdstad van de buren. Maar toen we een paar blokken verder in de Rua de Prata kwamen, zagen we dat de rij doorliep tot ver in deze straat. De galerias romanas zijn open, zei een jongen in de rij. En die openenen maar drie dagen per jaar. Je kunt je afvragen dat als er zo´n grote belangstelling voor is, waarom dit archeologisch erfgoed niet vaker wordt geopend. Het antwoord kregen we voor in de rij. De toegang tot de Romeinse galerijen ligt onder een putdeksel van de rua de Conceiçao, tussen de tramrails in. Sinds 2005 wordt jaarlijks de putdeksel drie dagen verwijderd. Vandaag was de laatste dag dat de galerijen konden worden bezocht. Drie uur hadden sommigen in de rij galerias romanasgestaan. En wat ze te zien kregen was op zich niet eens zo bijzonder. De blogger Mariano Silva bezocht de galerijen in 2010. Van hem ´leende´ ik de foto hiernaast. De galerijen werden ontdekt in 1771, tijdens de herstelwerkzaamheden na de zware aardbeving van 1755. De hele Baixawijk was verwoest, maar de Romeinse galerijen onder de wijk hadden stand gehouden. Tot op de dag van vandaag is niet duidelijk waar de galerijen voor dienden. Waren het termen, catacomben of fundamenten die moesten voorkomen dat de Romeinse woningen hetzelfde lot zouden ondergaan als de huizen die in 1755 instortten. Twintig personen mochten per keer zo´n twintig minuten ronddolen door de galerijen en ónder de Baixawijk. Misschien was dat nog veel boeiender dan de galerijen zelf. Het moet ook een bijzondere ervaring zijn om na het bezoek weer boven de grond te komen en opeens oog in oog staan met de koeienvanger van de rode toeristentram. Het gevoel van een ontsnapte gevangene die na een vlucht door het riool bij het oplichten van een putdeksel eindelijk de vrijheid en tram 28 ziet.

De klokkenluider van Salamanca

01/11/2010

Nog maar eens naar de foto kijken. Inderdaad, daar gaat toch echt een man met een trommel (en een fluit) omhoog naar de cupulín, de kleine koepel van de toren van de kathedraal van Salamanca. El Mariquelo heet hij, de klokkenluider.  Zonder touwen, vangnetten of andere veiligheidsmaatregelen klimt hij ieder jaar op 31 oktober omhoog, een traditie die ontstond in 1756, een jaar na de aardbeving van Lissabon. Ook Salamanca schudde bij die zware natuurramp op zijn grondvesten. De inwoners zochten een veilig heenkomen in de kathedraal. Toen de schokken ophielden, bleek dat iedereen de aardbeving had overleefd. De toren, Hiëronimus, genoemd naar de eerste bisschop, helt sinds die tijd wel wat over, al is dat vanaf de straat met het blote oog niet te zien. In de kathedralen (het zijn er twee, een oude Romaans-gothische en een nieuwe laat-gotische, gebroederlijk naast elkaar) zijn op veel plaatsen in de muren de scheuren te zien. Als dank aan God besloot het bisdom in 1756 ieder jaar een dag voor de aardbeving El Mariquelo de toren te laten bestijgen. Tot een aantal jaren geleden ging de klauterpartij nog tot de windvaan, zoals op de foto is te zien. En in weer en wind. Ook als het regent, en het boven op de koepel spekglad is, klimt de trommelaar omhoog. Alleen niet meer tot aan de windvaan. Ángel Rufino de Haro, die de traditie in 1985 weer nieuw leven in blies, gaat tegenwoordig niet hoger dan het kleine koepeltje op een hoogte van ongeveer 100 meter. Daar aangekomen speelt hij een charrada, een soort middeleeuwse troubadoursmuziek, op fluit en trommel. Ook laat hij twee (vredes)duiven los.  Sinds 2002, toen Salamanca, samen met Brugge, culturele hoofdstad van Europa was, kan iedereen zich een beetje Mariquelo voelen. In de toren is sinds die tijd een expositie ingericht over de geschiedenis van de torens (het is een beetje een ingewikkeld verhaal, maar de toren van de nieuwe kathedraal is om de oude toren gebouwd). De bezoeker kan een wandeling maken over het dakterras van ´de kleine toren´ . Er is ook een doorgang naar een galerij die door de oude en nieuwe kathedraal heen loopt, vanwaar je een prachtig uitzicht op het interieur van de kathedralen hebt, en vanwaar je ook van heel dichtbij de zorgwekkende scheuren in de muren kunt zien. Net toen we zondag met Baskische vrienden aan deze bijzondere route door en over de kathedralen wilden beginnen, kwam El Mariquelo het trappenhuis uit, met een rood aangelopen hoofd van de inspanningen en de koude wind die gisteren over de hoogvlakte joeg. Hij had zijn missie weer volbracht. De opdracht van het bisdom was niet alleen om  zo dicht mogelijk bij de hemel God te bedanken, maar tegelijkertijd te controleren of de toren in het afgelopen jaar niet meer uit het lood is gaan staan. El Mariquelo meende van niet.  

   

Nog een laatste toevoeging. Binnenkort kunnen ook de torens van de iglesia de Clerecias worden beklommen. De oude Jezuïetenkerk, die nu de kerkelijke universiteit is, tegenover het Huis met de Schelpen. De andere grote kerk van Salamanca, die je, net als de kathedraal, als je hele goede ogen hebt, al kunt zien als je uit de richting van Ávila komt, ter hoogte van de stier van Osborne, op zo´n 25 kilometer afstand van de stad.

Uitzichtspunt met terras

10/08/2010

 

Lissabon is gebouwd op een aantal heuvels. Zeven, zeggen de inwoners om hun stad te vergelijken met Rome. Maar misschien zijn het er nog wel meer, en dus heb je overal in de stad prachtige uitzichtspunten, miradouros. De mooiste blik op de stad is misschien wel vanaf het kasteel van de Heilige Joris. Het geeft bijna een totaalbeeld van de hoofdstad, met de Taag, de brug van 25 April, de Baixa, Barrio Alto en de avenida da Liberdade die als een groen lint omhoog slingert naar het park van Eduardo VII. Ook aan de bovenzijde van dit park heb je een mooi uitzicht. Heel goed is dan te zien, meekijkend over de schouder van het beeld van de markies van Pombal, hoe de laaggelegen wijk Baixa ligt ingeklemd tussen Alfama en de Barrio Alto. Vanuit het parkje naast het eindpunt van het trammetje dat van het plein van Restauradores bijna steil omhoog rijdt, heb je een prachtig uitzicht op het kasteel. Maar op geen van deze uitzichtpunten tref je een terras aan, en daarom blijft de miradouro van Santa Catarina mijn favoriet. Het kijkt uit over de Taag en lijkt nog helemaal niet zo ontdekt te zijn. Al wordt het terras ongetwijfeld genoemd in de reisgidsen, want er kwamen verschillende toeristen al lezend in hun reisgids het terras op. Het terras is klein, stond zelfs niet eens helemaal uit, terwijl door het heerlijke briesje dat vanaf de Taag over het terras waaide, dit een van de prettigste plaatsen in de stad was op deze warme zaterdagmiddag in Lissabon. De parasols en bomen gaven ook voldoende schaduw. Geen betere plaats dus om naast de bloeiende oleanders van een fles goedgekoelde Superbock te genieten en natuurlijk van het uitzicht. Je bereikt het terras door achter het plein van Luis de Camões de Rua do Loreto in te lopen. Na de Rua da Bica, waar tegenwoordig de ´zilvertram´doorheen rijdt, komt de Marechal Saldanha straat. Aan het einde van deze straat ligt aan de straat van Santa Catarina het uitzichtspunt met parkje, terras en de kiosk Adamastor. Zo wordt het uitzichtspunt ook wel genoemd, naar het standbeeld van dit zeemonster uit de Griekse mythologie dat door Luis de Camões in zijn werk Os Lusiadas werd gezien als de bewaker van de Indische oceaan die zich ophield bij Kaap de Goede Hoop. Wie op warme dagen overigens liever niet omhoog wil wandelen, kan ook tram 28 nemen. De tram heeft een halte in de Rua do Loreto.

Het fietspad van Lissabon

10/04/2010

Het is even zoeken tussen de vervallen loodsen, de hijskranen en de bouwputten. Maar na het passeren van deze hindernissen ligt daar aan de Taag het fietspad van Lissabon, de ciclovia, zeven kilometer fietsplezier van de Cais de Sodré naar Belém. Het heeft lang geduurd, maar eindelijk draait  Lissabon haar gezicht naar de Taag. In de jaren negentig deed Barcelona dat ook, met heel veel succes.

Al fietsend blijkt dat er nog wel het een en ander moet gebeuren. Vooral rond de Cais de Sodré, waar het kilometer nulpunt van de route ligt. En soms gaat het pad nog achter vervallen loodsen langs. Al zijn al heel veel vervallen loodsen inmiddels ingericht als  café of restaurant. Vlak voor de 25 Aprilbrug ligt As Docas, ooit een rij loodsen naast elkaar, nu een van de meest trendy uitgaansgelegenheden van Lissabon. ´s Middags lopen de terrassen vol. Het is wel even wennen aan het geluid van het verkeer dat over de 25 Aprilbrug gaat, alsof je op een Formule 1 circuit bent. ´s Nachts wordt dat geluid ruimschoots overstemd door de muziek die uit de clubs dreunt.
Vanaf As Docas begint ook het mooiste stuk van de route, over de kade van Belém. Ooit de plaats vanwaar de karvelen vertrokken naar de koloniën. De Torre de Belém en ook het enorme klooster van Jerónimos herinneren nog aan die tijd. Het eindpunt van de route ligt bij de uitkijktoren. Uitkijken is het ook voor de fietsers, vooral tussen het monument voor de ontdekkingsreizigers en de Torre de Belém, waar veel toeristen even de bus uitmogen om een foto te maken en geen oog hebben voor het fietspad. De weg kan na aankomst bij de toren nog vervolgd worden aan de andere  kant van de Taag.  Bij de Doca de Belém, wel weer even een stukje terug, in de buurt van de oude electriciteitscentrale, kun je de veerpont nemen en aan de overkant de route vervolgen langs de costa de Caparica, waar ook een heerlijk strand is.
Vlak voor de oude electriciteitscentrale staat een mooi monument voor de beroemde fadozangeres Amália Rodrigues.  Ze kijkt over de Taag, de rivier waaraan ze zoveel inspiraties ontleende. Op steeds meer plaatsen langs de Taag kun je nu net als Amália mijmerend aan de waterkant vertoeven.  
Dicht bij het startpunt van het fietspad, aan het Largo Corpo Santo is BikeIberia waar voor 14 euro per dag een fiets kan worden gehuurd. Na een uurtje fietsen langs de Taag, lokt het om ook de stad in te gaan, maar de steile straten die vanaf de kade de barrio Alto inlopen, doen dat enthousiasme al snel temperen. Lissabon schijnt gebouwd te zijn op zeven heuvels. Dan maar blijven mijmeren aan de Taag.