Posts Tagged ‘Castro Urdiales’

De tapasader van Castro Urdiales

21/07/2018

De foto boven deze post is een sfeerbeeld van de straat La Rua bij ons in het dorp. Samen met de straat Ardigales, die in het verlengde loopt is het de tapasader van ons dorp. Een meer dan geschikte straat voor pintxopote, een Baskisch woord voor een kroegentocht met in iedere bar een wijntje of biertje met een hapje. Het Baskenland staat bekend om zijn tapasstraten, zoals in de oude wijken van Bilbao en San Sebastián. Laatstgenoemde plaats heeft de hoogste concentratie aan tapasbarren in de oude wijk van heel Spanje.  Na een bezoek aan een stuk of vijf barren heb je een aardige maaltijd bij elkaar gegeten en begint de wijn ook zijn tol te eisen. Dus je moet een keuze maken en dat valt niet mee met zo´n groot aanbod. Meestal kom je bij dezelfde barren, omdat ook vrienden daar naar toe gaan of omdat het vertrouwd en altijd goed is. Als we in Ardigales beginnen, is de eertse halte bar Javi. Deze bar heeft het grootste en meest gevarieerde aanbod aan tapas. Op een zaterdag worden ongeveer 240 tapas geserveerd. Naast bar Javi zit het beste restaurant van Castro Urdiales, La Arboleda. Voor de deur staat een vitrine waarin een vers zeebanket in het ijs ligt. Schuin tegenover heeft de eigenaar van La Arboleda Casa Pili overgenomen. Pili sneuvelde na de uitzending van het programma Pesadilla en la cocina, de Spaaanse variant op Herrie in de Keuken. Het nieuwe restaurant heet El Nuevo Funi en de specialiteit is paella, waarmee het restaurant een grote concurrent is voor Don Quichote, die dezelfde specialiteit heeft en ernaast is gevestigd.

Een stukje verderop in de straat zit sidreria Marcelo, dat al jaren het beste vlees van Castro aanbiedt. Als je een menu bestelt, kun je onbeperkt cider tappen uit het vat. Naast Marcelo zit de Lechería, een favoriet voor ouders met kinderen om kip te eten. Een stukje voorbij Marcelo is de populaire nachtkroeg La Noche, een mooie bruine kroeg van de Catalaanse eigenaar Carlos. Na La Noche eindigt de straat Ardigales bij de calle Santander. Aan de overkant begint La Rua met nog meer tapasbarren. El Figon Rosa, la Bodeguita, El Quinto Pino, La Vineria, Kike-U2, La Marinera. De Rua eindigt bijna ín de bar La Kaloka die op de kop van de straat is gevestigd. Net voor La Kaloka zit in de zijstraat Nuestra Señora de bar La Fuente, waar de specialiteit tortilla de patatas is. De tortilla wordt steeds vers uit de keuken van een aanpalend pand op de toog van de bar gezet. En dan zijn in deze route de barren rond het plein van het gemeentehuis in de haven nog niet eens opgenomen. La Cierbanata, la Goleta, Los Chelines, het befaamde restaurant El Marinero en Alfredo. En dan hebben we het ook nog niet gehad over de txistorra van bar Artxanda, de Argentijnse empanadillas van Los Bocaditos en alle andere barren die ongetwijfeld een bezoek meer dan waard zijn. Misschien moeten we die maar bewaren voor een volgende post. Zo blijft het schrijven van een blog een heerlijke bezigheid.

Anuncios

Een tuinhuis vol speelgoed

16/07/2018

Zo rond half elf gaan de deuren open. Tafeltjes en krukjes worden buiten gezet. De eerste kinderen komen met hun vader, moeder, opa en/of oma het parkje binnenwandelen. Ze snuffelen even in het tuinhuisje en komen dan naar buiten. Met een kleurplaat, een raceauto, ganzenbord of badmintonrackets. Ook al is het prachtig weer en is het strand dichtbij, iedere dag zijn alle krukjes bezet. In twee parken in ons dorp worden ieder jaar bij het begin van de zomervakantie de tuinhuisjes neergezet en volgestouwd met speelgoed. Je zou denken dat dit een initiatief is voor kinderen uit arme gezinnen die zich geen speelgoed kunnen veroorloven, maar niets is minder maar. Deze ludotheken moeten de kinderen niet ván de straat maar juist óp de straat houden. Spanjaarden zijn graag buiten. Parken, pleinen en barren zijn sociale ontmoetingsplaatsen. En dat geldt ook voor dit kleine speelgoedparadijs. Een paradijs, waar de begeleidsters niet bang hoeven te zijn dat het speelgoed stiekem mee naar huis wordt genomen en waar ouders en grootouders aan het einde van de ochtend en middag helpen om het speelgoed weer op te bergen. 

De belangrijkste reden om deze ludotheken te organiseren is om te voorkomen dat kinderen zich gaan vervelen, want hun zomervakantie is lang. Op vrijdag 22 juni renden de kinderen voor het laatst uit school en op maandag 10 september begint het nieuwe schooljaar. Elf weken vakantie. Geen werkende vader en/of moeder die zo´n lange vakantie heeft. Dus opa en oma worden ingeschakeld, kinderen worden naar zomerkampen gestuurd, niet alleen om te spelen, maar ook om bijvoorbeeld Engels te leren. Ook de gemeente van ons dorp organiseert deze zomerkampen, de zogenaamde campamentos urbanos. De animo is zo groot dat er wachtlijsten zijn. De kinderen mogen maximaal een maand deelnemen. Van negen tot één duren de activeiten. Zo wordt er weer een dagdeel van de lange vakantie ingevuld. Onder het afdak van de sporthal in onze straat zitten een paar keer per week een stuk of tien kinderen met twee ouderen aan twee lange tafels. Het is een klein klasje dat schaakles krijgt.      

Bij de buren, maar niet op de koffie

23/03/2018

Het was al heel wat dat we over dit landgoed, halverwege onze straat, mochten rondlopen; door de tuin, langs het zwembad en over het terras achter het paleis. Ruim twee jaar geleden plaatste ik een blog over dit paleis van Ocharán, een rijke industrieel uit Bilbao. Toen bleven de hekken in de dikke hoge muren nog hermetisch gesloten. Maar nog geen twee maanden na die publicatie mocht mijn oudste zoontje opeens wel met zijn klas naar binnen. Schoorvoetend begon de eigenaar van de familie een belofte aan de gemeente in te lossen. De familie De la Via, eigenaar van een grote steengroeve net buiten ons dorp zou in ruil voor de uitbreiding van de groeve, een deel van de tuinen openstellen voor het publiek. Maar dat is lastig te organiseren zonder nieuwe hoge muren te plaatsen tussen het openbare en het privé-gedeelte van het landgoed. Een paar maanden geleden werd besloten dat de gemeente twee keer per maand een rondleiding mag organiseren voor maximaal 25 personen per groep. De familie van het paleis bepaalt de data dat bezoekers welkom zijn.

Gisteren waren wij een van de uitvekorenen. De gids vertelde vooral over de verschillende bomen en planten. De arme man werd al snel tegenover de hele groep terecht gewezen, of beter gezegd, terechtgesteld, door drie mannen die net iets beter op de hoogte van de flora aan de groene kust. Een bijzonder detail is dat het zwembad, op de foto boven deze post wordt gevuld met zeewater dat met een sterke instalatie hoog de heuvel wordt opgepompt waar het paleis staat. Zoals al ik in mijn eerdere post schreef, is het paleis en het kasteel ontworpen door Eladio Laredo, een lokale architect, die leefde en werkte in de tijd van Jugendstil en Modernisme. Het paleis is een mengelmoes van neo-stijlen; moorse bogen, barok, classisisme, aangekleed met tegeltjes van keramiek. Daardoor waan je je het ene moment in Sevilla, dan weer in Portugal en ineens sta je voor een paleis van Paladio in Italië. Verscholen in een hoek van de tuin staat een neo-romaanse kapel. Daar was ook de uitgang, waar we het landgoed verlieten op het moment dat de gids nog even verhaal haalde bij de drie betweters.  

Sneeuwpop onder een palmboom

01/03/2018

 

Of wat er nog van over is. Een ééndagssneeuwpop. Gisteren gebouwd en vandaag al weer bijna helemaal gesmolten. Gij zijt water en gij zult tot water wederkeren. Achter de sneeuwpop stroomt het vloeibare overschot richting de bron, de Cantabrische zee. De sneeuwpop staat op de plaats waar we zondag nog heerlijk op het terras zaten, genietend van een txakoli, de Baskische witte wijn. Maar op woensdagochtend bereikte ´the Beast from the East´ onze kust en lag er in een mum van tijd een flink pak sneeuw. Maar vandaag steeg het kwik alweer naar de zeventien graden. Zo snel kan het weer hier omslaan. Een paar weken geleden zei iemand op straat, nadat het dagen achter elkaar had geregend en we eindelijk weer eens van een voorjaarsdag konden genieten, dat Castro Urdiales een microklimaat heeft. Maar daar hebben we deze winter weinig van gemerkt, ook al staan er sinaasappelbomen in de straat en palmbomen in tuinen en parken. Het is een natte winter met veel regen, maar sneeuw was er al jaren niet gevallen. Zes jaar geleden, toen we nog maar net in Castro Urdiales waren neergestreken, vielen er wat vlokken uit de hemel. Maar die deden dat zo aarzelend dat ze al waren gesmolten voor ze de grond bereikten. In de hal van ons appartementencomplex hangt een foto van de laatste hevige sneeuwval in ons dorp, maar niemand die kan vertellen, wanneer dat precies is geweest. Het doet er ook niet toe. Woensdag konden de kinderen de hele ochtend van de sneeuwpret genieten. De scholen bleven gesloten, niet eens zozeer omdat het te gevaarlijk was om naar school te gaan, maar vooral omdat iedereen van dit zeldzame verschijnsel wilde genieten; jong en oud.

 

Elsje mag misschien even naar huis

03/02/2018

Het is een bericht dat regelmatig opduikt in de pers. Elche wil zijn dame terug. La Dama de Elche, hiernaast op de foto. Elsje noemen wij reisleiders haar in vakjargon. Het is een beeld uit de tijd van de Iberiërs dat werd gemaakt tussen de vijfde en vierde eeuw voor Christus. Eind 19e eeuw werd ze gevonden in Elche en aangekocht door het Louvre. In 1941 bij een ruil van kunstwerken tussen het Franse Vichy regime en het Spanje van Franco kwam het beeld naar Madrid. Haar eerste onderkomen was het Prado en sinds 1971 staat ze in het archeologisch museum in de hoofdstad. Nu buigt een politieke commisie zich over het voorstel om de Dame van Elche in 2019 tijdelijk uit te lenen aan haar stad in de provincie Alicante. Maar dat is voor de lokale politici niet voldoende. Zij willen dat Elsje definitief naar huis komt. Vorig jaar zomer was de buste in het nieuws toen een bezoeker ontdekte dat er een mier over haar voorhoofd kroop, terwijl ze toch in een hermetisch afgesloten vitrine staat. 

Het belangrijkste argument om de Dame in Madrid te houden is het universele karakter van het kunstwerk. Iedereen moet het kunnen bewonderen. En dat lukt beter in Madrid dan in Elche. Al zijn het vooral de Spanjaarden zelf die het Iberische beeld weten te vinden. De buitenlandse toeristen komen natuurlijk vooral voor de schilderijen van het Prado, Thyssen en Reina Sofia naar Madrid. Velen zullen het bezoek cultureel te zwaar vinden. Het kostte mij ook moeite om naar binnen te gaan nadat het museum na een grootscheepse restauratie die zes jaar in beslag nam, in 2014 weer openging. En dat zegt een reisleider die culturele reizen begeleidt. Het eerste excuus om niet naar binnen te gaan was de grote groep scholieren die voor mij naar binnen ging. De tweede keer dat ik ´s ochtends het plan had gemaakt om het museum in de middag te bezoeken, had ik iets te stevig geluncht en geen puf meer voor het bezoek.

Spanje in de Romeinse tijdBij een archeologisch museum denken we vaak aan lange rijen vitrines met botjes, potjes, munten, etc. Daarom was het ´nieuwe´archeologisch museum een verrassing voor me. De eerste verrassing was om op een video over de geschiedenis van de Romeinen op het Iberisch schiereiland te zien dat mijn woonplaats Castro Urdiales een van de eerste drie Romeinse havens was aan de noordkust, toen nog onder de naam Flaviobriga; een samenvoeging van de woorden Flavio, de naam van de stichter, de Romeinse keizer Titus Flavius Vespasianus, en Briga, het woord dat de Romeinen gebruikten als ze zich vestigden op een plaats, waar al een inheemse nederzetting was. De tweede verrassing was de overzichtelijke opstelling van de objecten en de duidelijke route door de Spaanse geschiedenis. Maar de grootste verrassing was misschien wel het enorme kleurenspektakel van de Romeinse mozaieken, de Moorse bogen en romaanse altaarstukken. Ik had het museum al eens voor de verbouwing bezocht, maar met deze nieuwe inrichting lijken al die stukken uit de rijke Spaanse geschiedenis beter tot hun recht te komen. Mijn favorieten blijven de prachtige kronen van de visigotische koningen, waaraan de letters van hun naam bungelen. Oh ja, en de Dame van Elche mogen we natuurlijk niet vergeten.

 

Ik, Jordaan Petrus Valen

20/01/2018

Als gedoopte Nederlander in Spanje heb je het niet makkelijk. Dat klinkt vreemd in een land waar de katholieke kerk nog altijd een belangrijke rol speelt in de maatschappij. Het zijn ook niet de priesters die ons het leven soms onnodig ingewikkeld maken, maar de Spaanse bureaucraten en andere baliemedewerkers. Ik moet eerlijk bekennen dat mijn ouders het de Spaanse ambtenaren ook niet makkelijk hebben gemaakt. Bij mijn doop kreeg ik de voornamen Jordaan Petrus, maar mijn roepnaam werd Danny. Het fenomeen roepnaam is onbekend in Spanje. Ik heb het wel eens zien vertaald als nombre de pila, maar een pila is het doopvont en daar krijg je juist je doopnaam. Roepnaam zou je in het temperamentvolle Spanje nog het beste kunnen vertalen als nombre a gritar. Veel Spaanse roepnamen komen uit de bijbel. Jezus, Jozef, Paulus, er zijn  meisjes die Belén heten, dat kerststal of Bethlehem betekent. Het probleem van mijn namen begint al met het feit dat de eerste letters van mijn doopnamen niet overeenkomen met de eerste letter van mijn roepnaam. En omdat je in Spanje overal formulieren moet invullen en je identiteitskaart moet laten zien, ben ik steeds minder Danny en steeds meer Jordaan Petrus. Overigens spreken de Spanjaarden, ik doe er zelf ook aan mee, mijn naam uit als Dani en dat is de afkorting van Daniel. Je zou er een identiteitscrisis aan over houden. 

Een ander probleem voor de Nederlander in Spanje is dat hij maar één achternaam in zijn paspoort heeft staan, terwijl de Spanjaard er twee heeft. Veel baliemedewerkers willen dat alle vakjes worden ingevuld. De medewerker van onze gemeentelijke sporthal loste dat heel creatief op, zoals op de foto boven deze post is te zien. Mijn achternaam zou in Spanje eenvoudig moeten zijn. Geen Van der of een achternaam die met Sch begint. Het is zelfs een Spaans woord. Valen, van valer, waard zijn. Degenen die Spaans spreken en dus weten dat de v in het Spaans als een b wordt uitgesproken, kan ik verzekeren dat het grapje van Balen niet origineel is. Vale, zonder n is in Spanje ook een stopwoord, zoals wij okay, of, wat mijn Peruaanse geliefde altijd opvalt, ons instemmende jajajaja. Toen ik net Spaans sprak en telefonisch een hotelreservering in Barcelona maakte, zei de recepcionist nadat ik mijn naam had doorgegeven, vale. Met het idee dat hij mijn  achternaam wilde checken, zei ik instemmend, si Valen, waarop hij opnieuw vale zei. Zo slingerde mijn achternaam een tijdje heen en weer door de telefoonlijn.  

Op de foto is ook te zien dat een letter a in mijn voornaam is gesneuveld. De Spanjaard kent geen dubbele klinkers en de naam Jordan kent hij wel als achternaam. Vaak denkt de Spanjaard als hij mijn voornamen ziet dat ik uit Roemenië kom. Maar als je dan zegt dat je uit Holanda komt, krijg je weer de vraag of dat hetzelfde is als Paises Bajos. Als we in Spanje bij een invulformulier op internet op zoek gaan naar de naam van ons land, moeten we zowel bij de P als bij de H kijken. Ooit was ik op het postkantoor voor postzegels voor een brief naar Nederland. Toen de postbeambte, die klaarblijkelijk veel had gelezen over de Tachtigjarige Oorlog, zag dat ik onder de woonplaats, Paises Bajos had gezet vroeg hij of de brief naar Nederland of België ging. Dezelfde man weigerde me overigens een paar weken geleden een aangetekende brief te overhandigen die was gericht aan D. Valen en niet aan J.P. Valen. 

 

Wachten op Carmen

06/01/2018

Op deze foto liet Bruno zich nog van zijn mooiste kant zien. Een regenboog boven de kapel van Santa Ana, de golven die hoog opspatten tegen de rotsen achter de middeleeuwse brug. Niet veel later trakteerde Bruno ons op een enorme regen- en hagelbui. Deze foto stuurde mijn goede vriend Carlos, eigenaar van La Noche, de gezelligste nachtkroeg van ons dorp Castro Urdiales. Carlos is geen nachtbraker die het daglicht niet kent. Dat laat deze prachtige foto duidelijk zien. Carlos kwam net uit de parkeergarage en ik liep op hetzelfde moment langs het strand, zie de foto hieronder, toen Bruno ons gezelschap kwam houden. Bruno is de naam van de tweede cyclogenesis die net voor het einde van het oude jaar kwam langsrazen. Ana ging hem begin december voor. Haar bezoek moest ik missen, omdat ik uitgerekend dat weekeinde de Nederlandse sneeuwoverlast mocht meemaken.  Ana en Bruno, sinds begin december hebben de winterstormen in Spanje een naam gekregen, zoals bijvoorbeeld de orkanen in het Caribisch gebied. Het initiatief werd genomen door de nationale weerinstituten van Portugal, Spanje en Frankrijk. Door de storm een naam te geven willen de weerstations de mensen allerter maken op de gevaren van zware windstoten en hoge golven. Alsof de naam cyclogenisis explosiva, de overtreffende trap van zwaar noodweer, niet angstaanjagend genoeg is. Als de weercode oranje of rood is, krijgt de cyclogenesis, een vorm van cycloon die regelmatig terugkeert, een jongens- of meisjesnaam, gegeven door het land dat als eerste het weeralarm afkondigt. Vanaf volgend jaar zullen de drie landen gaan samenwerken met Engeland en Ierland die al twee jaar hun stormen een naam geven. Of het allemaal veel zal helpen is maar de vraag. Bruno eiste twee mensenlevens. Deze week was bij ons de boulevard langs het strand afgesloten vanwege springvloed. Maar toch liepen er gewoon mensen over de boulevard én over het strand. Hoeveel mensen worden niet verrast door verradelijk hoog opspattende golven als ze net een foto willen maken. Na Ana en Bruno is het nu wachten op Carmen en dat is ook niet echt een naam die angst inboezemt, net zo min als onze favoriete weervrouw van Antena3, Himar González. Zij is zó lief dat ook al zou ze een orkaan aankondigen die de hele aardbol uit het universum zou blazen, dan nog zou je het idee hebben dat ze je voor morgen een prachtige lente belooft. 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het mooiste kerstcadeau

28/12/2017

Het cadeau was niet voor mij, ik was de weldoener van het geschenk. Het is natuurlijk een tikkeltje arrogant om dan te zeggen dat het het mooiste kerstcadeau is. Het was ook een weinig origineel cadeau, want de ontvanger had er al tientallen van. Maar ik was blij dit cadeau eindelijk te kunnen weggeven. Een paar dagen voor Kerst kwam een koerier mijn rolstoel en looprek ophalen om terug te brengen naar het revalidatiecentrum in Toledo. Een geschenk in de vorm van een donatie, want beide voorwerpen waren eigenlijk mijn bezit. Op de publicatieborden in Toledo wemelt het van de advertenties van opgelapte patienten die hun rolstoel te koop aanbieden. Het is niet erg etisch, merkte mijn therapeute op, toen ik vroeg of ik mijn rolstoel ook op het Spaanse Marktplaats kon zetten, als er een dag zou komen dat ik hem niet meer nodig had. Sinds half oktober stond hij werkeloos in de hal, het looprek leunde er niet veel later tegenaan. Met rolstoel en looprek vertokken ook de herinneringen aan de zeven maanden dat ik in die rolstoel zat. Hoe ze me de eerste maanden met een kraantje in en uit de rolstoel moesten takelen, hoe ik me vast reed tegen iets te hoge stoepranden. Ook de krukken blijven inmiddels thuis in de hoek staan en gaan alleen nog mee de straat op. En soms blijft een kruk binnen. Soms voel ik me als een kuiken dat zijn vleugels uitslaat in een nest hoog in een boom en langzaam los komt van het nest. Maar ook weet dat het nest twintig meter boven de grond hangt en dat zolang de vleugels niet sterk genoeg zijn het veiliger is om de vliegoefeningen boven het nest uit te voeren. Daarom blijft krachttraining belangrijk, op het strand, in het zwembad en de sportschool, waar bleek dat ik aan mijn heup-lendespier moet werken. Spierstelsels waarvan ik het bestaan niet eens wist. Het herstel houdt niet op bij het kunnen lopen zonder krukken. Alle spieren zijn als een doorgeprikte balon leeggelopen en er moet weer lucht in worden geblazen. Een mooi voornemen voor 2018.

Geboorte en wedergeboorte

03/06/2017


Het einde van het onbezorgde, veilige bestaan in de baarmoeder kwam in zicht.  Waarschijnlijk hoorde je regelmatig die zware stem, die zich zorgen maakte over jouw komst en dan vooral over de dag van jouw geboorte  De derde echo gaf hoop. Je lag voor op schema, voor het weekend kon je al weleens in ons midden zijn. Papa had haast, want die zou jouw geboorte weleens kunnen missen. Hij was aan een reis bezig die hij nooit had willen maken. Van Castro Urdiales, via Laredo naar Santander en vervolgens naar Toledo. Niet langs hotels, maar langs ziekenhuizen. Op 1 januari was hij ongelukkig gevallen. Via een hernia in een nekwervel was er een ontsteking in het ruggenmerg geschoten. Hij kon zijn benen niet meer bewegen, hij had nauwelijks nog gevoel in zijn handen. Op 23 februari om 06.00 uur zou hij naar het revalidatiecentrum in Toledo worden gebracht. Hopelijk konden geboorte en wedergeboorte  elkaar  nog even kort in de armen sluiten in het ziekenhuis van Santander.  En uiteindelijk gebeurde dat ook. Op de valreep. Je weg door het geboortekanaal werd een snelweg. De vliezen werden gebroken en daar was je, om 05.20 uur. Veertig minuten voor papa naar Toledo zou worden gebracht, voor het begin van zijn wedergeboorte in het landelijke revalidatiecentrum voor dwarslaesies, waar hij ging proberen om weer te leren lopen.  Op de intensive care in Santander hadden ze hem de eerste dagen gevoed met pakjes yogurt, hij kreeg een luier om en hij werd gewassen. Hij onmoette je op het eerste vakje van Levensweg. Toen jij een paar weken later naar Toledo kwam, spartelde je al aardig met je beentjes, en binnen een jaar zal je waarschijnlijk proberen je omhoog te drukken aan de lage salontafel in de woonkamer en zal je spontaan je eerste stappen gaan zetten. Zo ging dat ook met je broertjes. Met vallen en opstaan. Op een natuurlijke wijze, zoals je ook zult leren praten, misschien ook wel in het Nederlands. Net als het leren van een vreemde taal op latere leeftijd, valt het ook niet mee om opnieuw te leren lopen. Dat ondervindt papa nu zelf ook. We worden allebei gereden. Jij in de kinderwagen, papa in zijn rolstoel. We kijken elkaar aan. Jij met een blik vol vertrouwen, of er jou  met mama en papa in de buurt niets kan overkomen. En papa ziet in jouw grijsblauwe  ogen zijn grootste inspiratiebron.  

Het toverwoord is PIN

30/12/2016

img_8076

En dan gaat het niet om de viercijferige code van de bankpas. PIN is in deze streek, maar misschien geldt het wel voor heel Spanje, de formule om met kinderen de kerstvakantie door te komen. PIN staat voor Parque Infantil Navidad. Sporthallen, feesttenten en een grote hal in het congrescentrum BEC in Bilbao, zijn ingericht als kinderspeelplaats met glijbanen, klauterrekken, trampolines en ballenbakken. Vroeger op school heette het apekooien als alle toestellen van de gymzaal werden opgesteld. Het woord apekooien zou ook het beste onderschrift zijn voor de foto boven deze post. Deze indoor-speelparken zijn dé plaatsen voor kinderen om hun energie kwijt te raken. De traditionele appartementen in Spanje zijn te klein om kinderen wat speelruimte te geven. Daarom zijn er ook zoveel speelplaatsen in parken en op pleinen ingericht. Vaak omringd met bars en terassen, zodat de ouders met een glas wijn of bier toezicht kunnen houden. In El Gato, een bar bij ons in Castro Urdiales, is op de eerste verdieping een speelruimte ingericht met een kleine ballenbak, een glijbaan, een paar driewielers en wat dozen met speelgoed. Beneden bij de bar hangt een groot beeldscherm, waarop de ouders hun kinderen in de gaten kunnen houden. Veel ouders zoeken hier hun toevlucht op img_8091de dagen dat het regent en er niet buiten kan worden gespeeld. De foto boven deze post en die hier links, zijn overigens niet genomen in zo´n PIN, maar in het Bizkaia Park Abentura. Een enorm attractiepark, ingericht in een grote loods, achter de papierfabriek van Güeñes, een dorp ten zuiden van Bilbao. Dit kinderparadijs ging eind november open en niet alleen voor de kerstvakantie. Het is een goede optie voor ouders om hun kinderen in de komende vakanties bezig te houden. Zeker voor de ouders hier in Cantabrië. Het vakantierooster heeft in deze regio een revolutie ondergaan. De schookinderen hebben hier nu bijna dezelfde vakantieperioden als hun schoolmaatjes in Nederland. Dit jaar hadden de kinderen in Cantabrië voor het eerst herfstvakantie. Na de kerstvakantie hebben ze eind februari rond carnaval voorjaarsvakantie en daarna volgt de paasvakantie. Op 26 juni begint de zomervakantie, die niet zo lang zal zijn als in de rest van Spanje, om de vrije dagen van de herfstvakantie te compenseren.