Posts Tagged ‘Cantabrië’

De trein kwam nooit aan bij de Middellandse Zee

04/07/2018

Net voor aankomst bij het station van Yera vulde de vallei zich met mist. Alsof het station en de troosteloze omgeving niet gezien mochten worden. Of was het juist om de teloorgang van deze plaats te benadrukken. Een verlaten en vervallen station, het perron overwoekerd met onkruid, een waterpartij op de plaats waar nooit een spoorlijn lag. Want hier reed nooit een trein. Hier stond nooit iemand op het perron te wachten. Niet ver van het station duikt een tunnel de bergen in. De tunnel van La Engaña, genoemd naar het riviertje dat er uit de bergen komt stromen. Maar ze hadden de tunnel ook Engaño kunnen noemen, met een o. Dat betekent bedrog in het Spaans en dat is wat deze spoorwegtunnel is. Er reed nooit een trein doorheen. Wel vrachtwagens, als in de winter de bergpas van Escudo door zware sneeuwval weer eens werd afgesloten. Tot 1999. Toen stortten delen van de tunnel in.

De tunnel is bijna zeven kilometer lang, 9676 meter om precies te zijn, en was de langste tunnel van Spanje tot de tunnels voor de hogesnelheidstrein in Barcelona en Madrid werden geboord. Deze tunnel in het zuidwesten van Cantabrië werd in de jaren veertig uitgehakt door Republikeinse gevangenen. 370 gevangenen begonnen aan de zuidkant, 190 gevangenen kropen aan de noordkant de berg in. De tunnel, en ook het station, maakten onderdeel uit van het faraonische project om de Cantabrische kust met de Middellandse Zeekust met een spoorlijn te verbinden. Het idee werd al in de jaren twintig bedacht door generaal Miguel Primo de Rivera, maar de uitvoering begon pas na de Spaanse burgeroorlog. Aan beide kanten van de bergen kwam een dorp met een school en een kerk om de gevangenen onder te brengen. In 1961 werden de werkzaamheden gestaakt. Nooit zou er een trein van Santander naar Sagunto rijden.

De vier tunnels en de drie stations werden een inktzwarte vlek in het zo mooie groene gebied van Pasiegos. Hier komen de lekkerste botercakejes van Spanje vandaan; de soboas. Spreek uit als sobau. Het centrum van deze industrie is het dorp Vega de Pas, waar nog veel ambachtelijke bakkers zijn. Vanuit het dorp is het maar een klein stukje rijden naar het station. Veel nieuwsgierigen komen er een kijkje nemen. Aan de graffity en het afval in en rond het station te zien is het ook een favoriete stek voor hanggroepjongeren. Er zijn plannen om dit omstreden erfgoed een nieuwe functie te geven. Zowel de provincie Burgos als Cantabrië willen de tunnels restaureren en inrichten als via verde. Een groene weg voor fietsers en wandelaars, zoals er veel zijn in Spanje. Voorlopig worstelt men nog met de kosten, 15 miljoen euro. Maar om deze zwarte bladzijde van de Spaanse geschiedenis nu een groene kleur te geven, zo groen als het landschap, is de best denkabre oplossing.    

 

 

Anuncios

Links of rechts

04/05/2018

Daar staan we dan, op een klein pleintje. Rond het pleintje hoge coniferenhagen met daartussen drie paden. Een pad dat ons op het pleintje bracht en twee paden voor ons. We zijn in het grootste labyrint van Spanje. Het doolhof heeft een oppervlakte van 5500 m2 en ligt in Cantabrië, niet ver van bekende plaatsen als Santillana del Mar en de grotten van Altamira. Ruim een jaar geleden werd het doolhof geopend. Het idee was van Emilio Pérez Carral, een gepensioneerde brandweerman die waakte over de bossen in zijn streek. Samen met vrienden en familie plantte hij meer dan vierduizend Cipreses Leilandi en creëerde een fascinerend doolhof zoals die in de 18e eeuw in de Europese paleistuinen werden aangelegd. Maar daar waren het vooral lage buxushaagjes die vanaf boven, vanuit de ramen van het paleis er uitzagen als tapijten. Nu dwalen wij langs meer dan twee meter hoge hagen. Het pleintje, bijna in het centrum van het labyrint, hadden we aardig snel gevonden, maar de weg naar de uitgang, waar ook de ingang is, is een zwaardere opgave.

Het moet er vanuit de lucht grappig uitzien. Groepjes mensen die als mieren over de paden dwalen. Je geduld wordt op de proef gesteld als je weer eens een doodlopende gang inloopt of als halverwege een laan voor de vijfde keer hetzelfde echtpaar hoofdschuddend terugkomt. Aan beide zijkanten van het labyrint zijn nooduitgangen en de verleiding wordt steeds groter om daar maar uit het hek te stappen. Maar dan hoor je opeens iemand roepen dat de uitgang in zicht is, en afgaand op het geluid en de weg vragend aan lotgenoten die net aan hun missie zijn begonnen, doemt daar het verlossende hekje op, waar je anderhalf uur eerder door naar binnen bent gestapt. Kinderen tot zes jaar doen dat gratis, boven die leeftijd is de entreeprijs vier euro. Buiten het doolhof is een bar, zijn picknickplaatsen, toiletten en een grote parkeerplaats.  Voor wie na het avontuur weer even ver van zich af wil kijken, is het een goed idee om naar de kust te rijden, bijvoorbeeld naar Suances, op nog geen half uur rijden van Villapresente. Als je in deze badplaats de borden faro aanhoudt, kom je uit bij het einde van het dorp, waar naast de vuurtoren ook het restaurant El Caserío is. Daar heb je al een prachtig uitzicht op het strand van Suances en op de achtergrond de besneeuwde bergen. Aan het einde van de parkeerplaats voor het restaurant gaat een trap naar beneden tot de playa de los locos, inderdaad, het strand van de gekken. Vroeger was hier een inrichting. Nu staat er onder andere het populaire  strandpaviljoen chiringuito de los locos. Het gezellige terras biedt uitzicht op zee en de kliffen. 

Eindelijk weer eens op pad

14/03/2018

Bárcena Mayor, een typisch Cantabrisch bergdorp op anderhalf uur rijden van onze vissersplaats Castro Urdiales. Anderhalf uur met de auto. Na meer dan een jaar mag de schrijver van deze blog weer autorijden. Tot grote vreugde van de kroost, die na ruim een jaar wel weer toe was aan een dagje uit met de auto. De bestemming werd dus Bárcena Mayor, gelegen in het hart van het nationale natuurreservaat Saja-Besaya, aan de oostkant van de Picos de Europa, waarvan de besneeuwde bergtoppen goed waren te zien. De CA280, die later overgaat in de CA180 brengt de reiziger van de kust naar Bárcena, waar de weg eindigt. De plaats staat regelmatig hoog op de lijsten van de mooiste dorpen van Spanje. De huizen hebben de typische Cantabrische architectuur, waar vooral de zware houten balkons opvallen. In de lente zullen die worden aangekleed met geraniums en zal het dorp veranderen in een groot kleurenspektakel. Daar was het nu nog te vroeg voor. Ook de natuur rond het dorp moet nog uitlopen. Maar toch, de grote parkeerplaats buiten het dorp stond rond het middaguur vol. Het waren vooral veel mensen uit de streek die niet voor de geraniums kwamen, maar voor de lokale keuken met specialiteiten als fabada con venado, witte bonen met hert, chuleta de potro, veulenkotelet, cocido montañes, de stoofpot van de streek. De vele restaurants in het dorp, sommigen met uitnodigende terrassen aan het riviertje de Argoza, zijn het bewijs dat het in de zomer erg druk kan zijn.

Op een kleine afstand van Bárcena Mayor ligt het dorpje Carmona, dat veel minder toeristisch is dan Bárcena. Hier is bijvoorbeeld maar één bar, bij de ingang van het dorp. Op de terugweg over de CA280 is ter hoogte van de plaats Valle Cabuérniga de afslag naar de CA182 die richting Carmona gaat. Langs de weg ligt een uitzichtspunt, hoog boven Carmona, waar niet alleen het dorp is te zien, maar ook de omringende bergen en de Picos de Europa. De stijl van de huizen in Carmona verschilt niet veel van die in Bárcena. In Carmona zijn de rurale activiteiten nog overal zichtbaar. Houtbewerkers zijn op het erf actief, geiten worden naar het weiland gedreven. Carmona staat bekend om de productie van de typische klompen met lange noppen onder de zool om niet te ver weg te zakken in het drassige weiland. Het bezoek aan Bárcena Mayor en Carmona was niet alléén maar een dagje uit. Vorige week kreeg ik een contract van de Nederlandse uitgever Edicola om een reisgids over Asturië en Cantabrië te schrijven. Daarin mogen deze twee dorpjes natuurlijk niet ontbreken.

Was keizer Karel V de eerste pensionado?

28/09/2016

img_7703

Dacht altijd dat pensionado een Nederlands verzinsel was; een combinatie van jubilado en pensionista. Maar typ pensionado in op Google en de zoekmachine komt binnen 0,26 seconden met maar liefst 2.230.000 resultaten. En eerlijk gezegd moet ik ook het antwoord schuldig blijven op de vraag of keizer Karel V inderdaad de eerste gepensioneerde was die zijn laatste levensjaren in Spanje kwam slijten. De keizer verdween echter niet in een appartement of villa ergens aan de costa. Hij trok zich terug in een klein paleis, gebouwd tegen een klooster van de orde van Hiëronymus in Yuste, een gehucht, verscholen in de legado_de_yustebossen van Extremadura. Maar net als veel Nederlanders van nu, die de caravan volstouwen met pindakaas, hagelslag en drop, zo kwam Karel V naar Spanje met een uitgebreide hofhouding, waaronder Belgische en Duitse bierbrouwers. Er bestaat in Spanje nog altijd een donkergeel bier dat Legado de Yuste heet, en volgens een Vlaams recept wordt gebrouwen, inmiddels wel door Heineken..

De landing van Karel V op de Cantabrische kust werd vorige week weer nagespeeld bij onze buren in Laredo, van oudsher een koninklijke havenplaats, maar nu vooral een badplaats, waar half Bilbao een tweede appartement heeft om in de zomer te genieten van het kilometerslange strand. Eind 15e en begin 16e eeuw vertrokken de dochters van de Katholieke Koningen, Johanna van Castilië en Catalina de Aragón naar Vlaanderen en Engeland om in het huwelijk te treden met respectievelijk Filips de Schone en Arthur Tudor. En nadat hij in Brussel afstand had gedaan van het keizerschap en de Spaanse troon kwam Karel V op zijn laatste reis naar Laredo om door te reizen naar Yuste. Het zou de enige plaats zijn geweest in zijn rijk waar de zon nooit onderging, waar hij van het leven had genoten. Tijdens de jachtpartijen in de bossen van Extremadura.

img_7710In 1556 stond alleen de bisschop van Salamanca de keizer op te wachten, nu werd hij verwelkomd door duizenden toeschouwers, waaronder de president van Cantabrië, Miguel Angel Revilla. Een bijzondere man, die van zijn hart geen moordkuil maakt. Karel V moest weten dat hij een landgenoot was van Angela Merkel, en dat zijn verre nazaten als Juan Carlos en zijn schoonzoon de titel van koning weinig eer hadden aangedaan. Kijkend naar het strand, waar het schip van Karel V lag aangemeerd, dwaalden mijn ogen af naar de overkant van de baai, naar de lichtjes van Santona. Daar, weggestopt onder de stenen vloer van de kerk van het Capucijnerklooster ligt Barbara Blomberg begraven. De geliefde van de keizer. Zij die hem de prins Jan van Oostenrijk schonk. Karel V was pensioando, maar nog lang geen 65. Hij paste er voor om in zijn harnas te sterven. Wellicht wilde hij na een leven van oorlog voeren nog een paar jaar van het leven genieten. Dat hij daarvoor naar Spanje kwam was een logische keuze. En eigenlijk had hij daarvoor gewoon in Cantabrië kunnen blijven.

 

 

De Heilige Drie-eenheid van een dagje uit

16/08/2015

063

Het gebeurde een paar jaar geleden, wachtend op de groep op de trappen van de kathedraal van Salamanca, aan de kant van het portaal met het astronautje. Het was rond half twee in de middag, op een Spaanse feestdag. Veel toeristen in de stad. Alle Spanjaarden die de trappen afkwamen, hadden hetzelfde gespreksonderwerp. Gaan we eten? Waar gaan we eten? Eerst maar even een wijntje drinken? Doen we menu of tapas? De belangrijkste bijzaak van een Spaans dagje uit is de maaltijd. In Segovia is het Romeinse aquaduct net zo belangrijk als het eten van speenvarken. Belangrijker dan aankomen in Santiago, is inktvis eten in Melide, merkte iemand op, tijdens mijn pelgrimstocht naar Santiago. Een excursie wordt om het eten heen georganiseerd. En daar doen wij graag aan mee. Deze zomer geen lange of verre vakantie. Met 040het strand om de hoek en een prachtige juli-maand hoefden we ook helemaal niet weg. Het bleef bij af en toe een dagje uit volgens de Spaanse formule van de Heilige Drie-eenheid; iets doen, goed eten en iets zien. Omdat het doen in mijn vriendenkring bestaat uit het maken van bergwandelingen van  zo´n 15 tot 20 kilometer valt de familie voor deze uitjes af, voor wie de benen te kort zijn en de conditie ontoereikend. 

Een paar weken geleden pasten we de formule van de Heilige Drie-eenheid toe in de grensstreek tussen Cantabrië en het noorden van de provincie Burgos. Het is het decor van de rivier de Ebro, die in dit gebied in de loop der tijd een diepe kloof heeft uitgesleten. Vanaf een uitzichtspunt lijkt het een enorme snijwond in de korst van de hoogvlakte. De wandeling die we hier maakten begon en eindigde in het bijna verlaten dorp Valdelateja. De heenweg ging door de kloof, de terugweg via Pesquera del Ebro en Cortiguera boven de kloof langs. Rond het middaguur waren we terug bij de auto en reden we naar Orbaneja del Castillo. En over dit plaatsje moet het vooral gaan in deze post. 047Deze blog wil geen vakantie-album zijn, maar wil de Spanje-reiziger wel wijzen op de fraaie dorpjes die hij of zij dwalend door Spanje kan tegenkomen. Dus vergeet al het bovenstaande en onthou de naam van Orbaneja. Het dorp ligt aan een afslag van de nationale weg N623 tussen Santander en Burgos. Op de nationale weg vallen de sterk geërodeerde rotswanden al op. Het lijkt alsof er dikke zuilen van een kathedraal naar de hemel reiken, zonder dat er ooit aan de gewelven is begonnen. In een van de wanden hebben wind en regen een gat gevormd dat lijkt op de kaart van Afrika, goed te zien op de foto boven deze post. De lokale weg slingert langs de bergwand de kloof in en maakt dan een bocht langs Orbaneja. Het eerste dat je ziet als je het dorp passeert is de enorme waterval die zich tussen de huizen naar beneden stort. Het water komt uit een grot achter het dorp en stroomt door een kanaal naar de andere kant van het dorp om daar naar beneden te storten. Orbaneja was het dorpje dat we vandaag wilden zien en uiteindelijk zouden we hier ook eten omdat de twee restaurants in Valdelateja waren gesloten. We aten bij El Abuelo, gerund door een echtpaar uit Bilbao, op het terras voor de ingang van het restaurant. Op de foto boven deze post is onze tafel te zien, onder de blauwe parasol die tussen de huizen staat ingeklemd. Het menu; wat chorizo, gevolgd door lamskoteletten met salade van tomaat, ui en paddenstoelen en frietjes. Een eenvoudig en huiselijk, maar daardoor juist een heerlijke maaltijd. De fles rode wijn en spuitwater werden in een koeler op tafel gezet. Het glaasje kruidenlikeur, de orujo de hierbas, dronken we aan de rand van het kanaal met de voeten in het water, omringd door de bergwanden en de huizen die van boven op ons neerkeken. Het was de kroon op een dagje iets doen, zien en eten. 

De madame van Ambrosero

09/03/2015

 

017

¨Kijk, daar, het is dat oude huis op de achtergrond, daar woonde de koningin. Nou ja, koningin, ze was de moeder van de prins Jan van Oostenrijk.¨ Samen met een buurtbewoner kijken we door het raam naar buiten en zien een boerenhoeve en de bergen van Cantabrië. Aan de bar luistert een stamgast mee. Als hij het woord koningin hoort, mengt hij zich in het gesprek. ¨Koningin?, niets koningin! Ze was de grootste hoer die we hier in de buurt ooit hebben gekend!¨ Barbara_BlombergGelach van de overige stamgasten. We staan in de bar Tienduca, die ook als winkel fungeert. Het is zondagmiddag, een uur of vijf, en de mannen in de bar hebben wel zin in een nieuw onderwerp voor hun natafeluurtje, la tertulia of sobremesa in het Spaans. ¨En hij woont in het huis tegenover. Dat huis heet casa del Pendón, het huis van het Vaandel, want daar woonden de lijfwachten van Blomberg¨. Ambrosero heet het dorp waar we zijn. Een gehucht aan de snelweg tussen Bilbao en Santander. Een typisch dorp dat is ontstaan uit verschillende wijken die ooit bij elkaar werden gevoegd. De bar ligt in de wijk Madama, genoemd naar de illustere Duitse dame die hier in de 16e eeuw neerstreek. Barbara Blomberg, een prachtige naam. Het had ook zomaar een naam van een actrice kunnen zijn; Marlyn Monroe, Brigitte Bardot, Barbara Blomberg. En wie weet was ze dat ook wel. De verhalen over haar afkomst lopen uiteen van dochter van een adellijke familie tot zangeres of prostituee in een bordeel.  Karel V zou haar hebben 018ontmoet in Regensburg in de periode dat hij daar de strijd aanging met de Duitse keurvorsten. Zij was 19 jaar en hij 46. Ze zou zoveel indruk op de keizer hebben gemaakt dat Karel V na de geboorte van hun zoon aan een aantal spionnen opdracht gaf om de levenswandel van zijn minnares te volgen. Na de dood van de keizer besloot koning Filips II om de vrijer van zijn vader naar Spanje te laten komen. Ze nam intrek in een klooster in Valladolid. Barbara Blomberg was de  moeder van Jan van Oostenrijk, de halfbroer van Filips II, die voor de koning van Spanje de bekeerde Moren uit de Alpujarras verjoeg en die de leiding had over de Spaanse Armada, de vloot van Venetië en de Pauselijke vloot bij de gewonnen zeeslag tegen de Turken bij Lepanto. Daarna werd hij landvoogd over de Lage Landen, waar hij overleed in Namur. Bij de dood van haar zoon besloot Barbara Blomberg intrek te nemen in het huis 009van de secretaris van zijn zoon in Colindres. Ze was weer terug in Cantabrië, waar haar avontuur op Spaans grondgebied begon, toen haar schip aanlegde in de haven van Laredo. Uiteindelijk verhuisde ze naar Ambrosero, niet ver van Colinderes, waar ze in 1597 overleed. Haar lichaam ligt begraven in de kerk van San Sebastián van het Kapucijnerklooster van Escalante, aan de rand van het moerasgebied van Santoña. In het transept is aan de muur een gedenksteen uit 1957 bevestigd. Tot een grootscheepse restauratie in 1977 lag deze steen nog boven het graf van Blomberg, maar van dit graf is nu geen spoor meer te bekennen. ¨Ze lag ergens midden in de kerk¨, weet een Kapucijnermonnik ons te vertellen. En ook daarover zijn de meningen verdeeld. Maar waar of niet, in de wijk Madama houden ze de gedachte aan Blomberg graag in leven.  

Sneeuwpret en wateroverlast

05/03/2015

068

Het is wel een heel makkelijk grapje om te beweren dat Maria de bui al zag hangen toen ze aan de oever van de Ebro in de eerste eeuw na Christus aan de apostel Jacobus verscheen. Op de plaats, waar nu Zaragoza ligt, had de discipel de meeste gelovigen om zich heen verzameld en als dank voor de promotie van het werk van Haar Zoon, kwam Maria bij hem op bezoek en liet als bewijs van haar verschijning een pilaar en een klein beeldje achter. Die pilaar staat in de basiliek van Zaragoza, pal aan de rivier de Ebro, die dreigend steeds dichter bij het heiligdom komt. Voor de goede orde, de pilaar op de foto boven deze post is niet de originele zuil, zo ernstig is de wateroverlast in Aragón nog niet. _IMG0249_b38776c0Deze pilaar staat naast de wieg van de rivier de Ebro, in het binnenland van Cantabrië, bij het dorp Fontibre. Op de achtergrond komt het water van onder het kalksteen omhoog borrelen. Eigenlijk is het het water van de rivier de Híjar, die een paar kilometer voor Fontibre onder de grond duikt. De bron van de Ebro is de Pico de los Tres Mares, de bergtop van de Drie Zeeën. Het is de enige berg van Spanje die zijn smeltwater naar de drie zeeën stuurt die het Iberisch Schiereiland omringen. Vanaf de westflank stroomt het water met de rivier de Nansa naar de Cantabrische Zee. Aan de zuidkant zoekt het smeltwater zich een weg naar de rivier de Pisuerga, die uitmondt in de Duero, die op zijn beurt bij Porto uitmondt in de Atlantische Oceaan. Het water van de Ebro komt vanaf de noordkant van de bergtop stromen en heeft als bestemming de Middellandse Zee. Op deze eerste zondag in maart vermaken ouders zich met hun kinderen in de besneeuwde weiden aan de voet van de berg. De sneeuwoverlast heeft plaats gemaakt voor sneeuwpret. Anderhalve maand geleden waren de dorpen in dit gebied nog volledig ingesneeuwd. Voedselpaketten werden boven de dorpen in de omgeving uit helikopters geworpen. De enorme muren van sneeuw langs de weg tussen Reinosa en Alto de Campoo herinneren nog aan de ellende. Voor de bewoners hier in de streek van het kleine skigebied van Alto de Campoo is de overlast voorbij. Met het smeltwater neemt de Ebro nu de problemen mee naar Aragón. De sneeuwmassa in Cantabrië is twee keer zo groot als vorig jaar. In Aragón staat 28000 hectare landbouwgebied onder water en is de schade aan de verschillende gewassen opgelopen tot zo´n 50 miljoen euro.

slide_407022_5092976_freeIn Zaragoza steeg het waterpeil tot 6 meter en was de aanvoer 2400 kubieke meter per seconde. De gedupeerde landbouwers geven niet alleen de schuld aan het smeltwater. Volgens hen wordt de Ebro al tijden niet meer schoongehouden, waardoor het stroomgebied van de rivier kleiner is en het waterpeil stijgt. En zo wordt de Ebro nu vervloekt, waar hij eens werd geprezen. De rivier gaf zijn naam aan het hele Iberisch schiereiland in de tijd van de Grieken. Die noemden het gebied van de Ebro, van Cantabrië tot Catalonië, Iber, oever in het Grieks. Iber werd Ebro én Iberisch schiereiland. Maar de Ebro is ook het Oranje onder de rivieren; altijd maar tweede in de verschillende klassementen. Na de Duero is de Ebro de meest waterrijke rivier. Op de ranglijst van de langste rivieren wordt de Ebro voorbij gestreeft door de Taag en de Ebro is pas na de Nijl de langste rivier die uitmondt in de Middellandse Zee. Maar op deze dagen wordt in de Spaanse media maar over één rivier gesproken, inderdaad de Ebro. 

Lente in Bilbao

02/04/2014

040

Het was de wereld op zijn kop, afgelopen zondag. Regen in Madrid, regen in Sevilla, regen in Barcelona, regen in Castilië en regen in León. Maar aan de kust van Cantabrië genoten we van een heerlijke lentedag. In Bilbao werden de hoogste temperaturen van heel Spanje gemeten, 22 graden. En het lenteweer hield ook de eerste dagen van de week aan. De foto boven deze post is van gisteren,  genomen in het park van Doña Casilda in Bilbao, een van de plaatsen in de stad waar je de lente ziet ontluiken. Het gefilterde licht, de frisgroene blaadjes en kleurrijke bloesem aan de bomen. Tot ver in de twintigste eeuw was dit het enige park in Bilbao. Wie meer dan een halve hectare groen wilde zien, moest naar de bergen die de stad omringen. Het park, een taartpunt van 8,5 hectare tussen de Gran Vía en de Ría, werd aangelegd in het westen van de Ensanche, de 041uitbreidingswijk van de 19e eeuw en werd genoemd naar doña Casilda Iturrizar, echtgenote van een bankier en rijke weldoenster van de stad in de tweede helft van de 19e eeuw. Ze schonk het orgel van de kerk van San Nicolás, stichtte een vorm van thuiszorg, was de belangrijkste geldschieter bij de bouw van het theater Arriaga en ze schonk de grond, waarop later het park in een Engelse stijl werd aangelegd. Het is een statig stadspark met pergola´s, fonteinen en bankjes. En een eendenvijver, waardoor het park in de volksmond het eendenpark wordt genoemd, al zwemmen er ook zwanen in de vijver en bivakeren op het eilandje in de vijver een paar pauwen, koninklijke kalkoenen zeggen de Spanjaarden, pavo real. De vijver krijgt zijn water van de rivier de Helguera die in de berg van Pagassari ontspringt en net voorbij het park uitmondt in de Nervión. Met de regen die overal in Spanje viel, spoelde ook weer eens alle clichés weg, dat het hier in het noorden altijd zou regenen. Dat heb ik al eerder geschreven, maar het cliché blijkt zo hardnekkig te zijn, dat we het niet vaak genoeg kunnen herhalen. Op een andere veronderstelling werd ik vorige week gewezen toen ik voorstelde om in augustus een reis naar Bilbao te organiseren. In het noorden van Europa wordt vaak gedacht dat het in heel Spanje in de zomer snikheet is. Maar ook dit beeld klopt niet in het noorden van Spanje. De zomers aan de Cantabrische kust zijn over het algemeen mild, met temperaturen rond de 25 graden. Dus het weer is geen excuus om niet mee te gaan op mijn zesdaagse reis naar Bilbao. Zéér binnenkort meer over deze reis op deze weblog.  

De stranden van Cantabrië

01/10/2013

020

In Madrid zijn ze niet tevreden over de statistieken van het zomerseizoen.  Er kwamen deze zomer minder toeristen naar de hoofdstad dan vorig jaar. De lokale regering van de PP wijtte dit aan de vele manifestaties tegen het beleid van de regering die door de stad gaan, maar wie gaat er in de zomer naar Madrid, als de hitte in de stad dag en nacht ondraaglijk is (al is het wel de periode dat je de musea bijna voor je zelf hebt). Ook de Madrileen vlucht de stad uit als zijn vakantie begint en rijdt of vliegt naar de kust, naar het beloofde strand, dat hij in de stad moet missen. Sommige statistieken kun je met gezond verstand beredeneren. Zo waren ze hier in Cantabrië ongerust over het aantal buitenlandse toeristen dat in de eerste helft van het jaar naar de regio kwam. Het 018 (2)waren er 106.730, 0,4% van het totaal dat naar Spanje kwam. Ook hier speelt het weer een belangrijke rol. Want winter en voorjaar zijn over het algemeen nat in het noorden. De buitenlandse toerist maakt hier zijn opwachting pas in de zomer, in de maanden juli, augustus en september. Maar ook in ze zomer vallen de cijfers in het niet bij bijvoorbeeld Catalonië en Andalusië. Cantabrië is buiten Spanje vooral bekend vanwege de Picos de Europa. De toerist die bij Irún over de grens komt en de snelweg A8 volgt naar het natuurpark van de Picos, ziet de meeste kleine strandjes van Cantabrië over het hoofd. Ze gaan schuil achter en tussen de steile kliffen van de Cantabrische kust, zoals het strand van Liendo, op de foto boven deze post. Om op dit strand te komen, moet je een steil pad van zo´n vijfhonderd meter naar beneden afdalen. Voorbij de kaap op de achtergrond, ligt het strand van Sonabria en nog iets oostelijker, het strandje 033van Oriñón. Dat strand is vanaf de snelweg goed te zien als je na Castro Urdiales de tunnel uitkomt. Het grootste strand hier in de omgeving is dat van Laredo, waar een groot deel van de bevolking van Bilbao in de zomer neerstrijkt. Maar zelfs op een topdag kun je nog makkelijk je auto, gratis, vlak achter de boulevard kwijt. Zeker als je doorrijdt tot El Puntal, een klein duingebied, waar het strand doodloopt in de ría van Treto. De zomer was lang en zonnig, het is een cliché dat het aan de noordkust altijd regent. De laatste septemberdag was nog een heerlijke stranddag, ook op ons eigen strandje in Castro, het strand van Ostende. Ben er nog steeds niet achter wie deze naam heeft bedacht voor dit kunstmatig aanlegde strand.

Appelwijn, Filandera en Mayalde

02/09/2013

239In augustus hangt Spanje vol met dit soort posters. De foto werd genomen ergens in Galicië. Augustus is dé feestmaand in Spanje. Verlaten dorpen lopen weer vol met verloren vrienden, die ooit naar de grote stad emigreerden. De volkswijken van Barcelona en Madrid, Grácia en La Latina vieren hun feest in augustus. Alsof er geen crisis is, denkt de zuinige Nederlander. Maar die crisis voelen de feestorganisaties zeker. Je kunt het zien aan het aanbod van artiesten. Al stijgt in veel dorpen de kwaliteit van muziekbandjes sowieso niet uit boven het niveau van Pili Pampín. Met pasodobles, wat rumba en de zomerhits vanaf de jaren zeventig wordt het publiek vermaakt. De subsidiekranen worden vanuit de gemeente dichtgedraaid, sommige feesten worden zelfs gedeeltelijk geprivatiseerd. Op het laaste tomatenfeest in Buñol Cartel TIERRADURA 2013moesten de gooiers die van buiten de gemeente kwamen, tien euro entree betalen.  Het affiche hier rechts op de foto bracht ons zaterdag in Secadura,  een kleine buurtgemeenschap ten zuidwesten van Laredo. We kenden noch de plaats, noch de bands die zouden optreden. Voor wie het Spaans machtig is, sabaducu is Cantabrisch voor sábado. Maar het affische sprak ons op een of andere manier aan. Waarom weten we niet, maar we kwamen niet bedrogen uit. Een aanrader voor de Nederlandse toerist, die volgend jaar zijn vakantie aan de groene kust komt vieren. Net buiten het dorp was het podium opgezet, in een weiland, omringd door de bergen van Cantabrië. Een ideale setting bij een muziekgenre, de folk, die zich goed thuisvoelt in het noorden van Spanje. Net als de cider. Voor vier euro kon je de appelwijn tussen 20.00 en 22.00 uur onbeperkt drinken. Maar het leverde geen toestanden op die je in Nederland bij zo´n regeling zou verwachten bij een concert. Geen gegooi met bier of vechtpartijen tussen stomdronken gasten. Wie net voor tien uur nog een keer zijn glas kwam vullen, kreeg een volle fles mee. De avond werd ingeleid door de folkloristische vereniging Virgen de Palacios. De hoofdacts kwamen van Filandera, Mayalde, Radio Cos en A Doble Cambá. Stuk voor stuk KleinKunst met grote hoofdletters. Er is ongetwijfeld wel wat werk van deze groepen te vinden op Youtube, maar dan mis je de sfeer die er zaterdag heerste; de geur van de dauw op het gras en oppelwijn en de sterren aan de hemel boven de bergen van Secadura.