Posts Tagged ‘Bilbao’

Het toverwoord is PIN

30/12/2016

img_8076

En dan gaat het niet om de viercijferige code van de bankpas. PIN is in deze streek, maar misschien geldt het wel voor heel Spanje, de formule om met kinderen de kerstvakantie door te komen. PIN staat voor Parque Infantil Navidad. Sporthallen, feesttenten en een grote hal in het congrescentrum BEC in Bilbao, zijn ingericht als kinderspeelplaats met glijbanen, klauterrekken, trampolines en ballenbakken. Vroeger op school heette het apekooien als alle toestellen van de gymzaal werden opgesteld. Het woord apekooien zou ook het beste onderschrift zijn voor de foto boven deze post. Deze indoor-speelparken zijn dé plaatsen voor kinderen om hun energie kwijt te raken. De traditionele appartementen in Spanje zijn te klein om kinderen wat speelruimte te geven. Daarom zijn er ook zoveel speelplaatsen in parken en op pleinen ingericht. Vaak omringd met bars en terassen, zodat de ouders met een glas wijn of bier toezicht kunnen houden. In El Gato, een bar bij ons in Castro Urdiales, is op de eerste verdieping een speelruimte ingericht met een kleine ballenbak, een glijbaan, een paar driewielers en wat dozen met speelgoed. Beneden bij de bar hangt een groot beeldscherm, waarop de ouders hun kinderen in de gaten kunnen houden. Veel ouders zoeken hier hun toevlucht op img_8091de dagen dat het regent en er niet buiten kan worden gespeeld. De foto boven deze post en die hier links, zijn overigens niet genomen in zo´n PIN, maar in het Bizkaia Park Abentura. Een enorm attractiepark, ingericht in een grote loods, achter de papierfabriek van Güeñes, een dorp ten zuiden van Bilbao. Dit kinderparadijs ging eind november open en niet alleen voor de kerstvakantie. Het is een goede optie voor ouders om hun kinderen in de komende vakanties bezig te houden. Zeker voor de ouders hier in Cantabrië. Het vakantierooster heeft in deze regio een revolutie ondergaan. De schookinderen hebben hier nu bijna dezelfde vakantieperioden als hun schoolmaatjes in Nederland. Dit jaar hadden de kinderen in Cantabrië voor het eerst herfstvakantie. Na de kerstvakantie hebben ze eind februari rond carnaval voorjaarsvakantie en daarna volgt de paasvakantie. Op 26 juni begint de zomervakantie, die niet zo lang zal zijn als in de rest van Spanje, om de vrije dagen van de herfstvakantie te compenseren. 

Er dreigt gevaar voor de siesta

19/12/2016

img_8028

Een proefbalonnetje oplaten heet het in de politiek. Een minister lanceert een plan, zonder dat al te hebben uitgewerkt en wacht dan af wat de reacties vanuit de maatschappij zullen zijn en of er draagvlak voor is, ook al zo´n mooie politieke term. Zo riep de minister van Werkgelegenheid, Fátima Báñez op vrijdag dat er niemand in Spanje na zes uur nog op de werkvloer moet zijn. Het eerste dat de Spanjaarden zich vertwijfeld afvroegen was of dat ook voor het personeel in de bar geldt. De regering wil af van het onhandige dagritme, waar de middag abrupt overgaat in de nacht, voor avond is niet eens een woord uitgevonden. De gewoonte in Spanje is dat er tot twee uur wordt gewerkt, daarna volgt de lange middagpauze van drie uur en vervolgens werkt men van 5 tot 8 uur ´s avonds. Dat dagritme is na de Spaanse Burgeroorlog ontstaan. Daarvoor kwamen de Spanjaarden bijna gelijk met hun Noord-Europese collega´s uit de fabriek. In de na-oorlogse jaren was er veel armoede. Naast de vaste baan, ging men op zoek naar een bijbaantje, una chapuza, zoals dat in het Spaans heet. Beunhazen zeggen wij in Nederland. Dus ´s ochtends tot 2 uur werd er gewerkt en na de lange middagpauze maakte men nog wat uren. Dat ritme is langzaam in het Spaanse leven geslopen en het zal niet meevallen om dat te veranderen.

Maar het moet, vindt de minister omdat die lange middagpauze de oorzaak is van de lage produktiviteit. Die 001-11laatste uren in de middag is het na een uitgebreide lunch lastig op gang komen. Regelmatig eet ik in Bilbao met een vriend die bij een bank werkt. Eerst nemen we twee wijntjes vooraf, dan bij het dagmenu nog een fles wijn en tot slot bij de koffie nog een kruidenbrandewijn. Als ik dan vraag wat hij ´s middags nog gaat doen op zijn werk, is het antwoord vaak, mails nakijken, bureau opruimen, agenda bijwerken. Veel Spanjaarden die buiten de stad wonen en in de stad werken, willen die lange pauze ook niet, omdat de tijd tekort is om naar huis te gaan, zeker als ze met de auto moeten. Dan kunnen ze op een dag vier keer in de file staan. En bedrijven die zowel filialen in Spanje als in het noorden van Europa hebben, willen ook dat de werktijden op elkaar worden afgestemd. Premier Rajoy gaf voor de verkiezingen van vorig jaar al een voorzet door aan te kondigen dat hij de klok een uur wil terugzetten en een einde wil maken aan de lange middagpauze. Volgens de meridaan van Greenwich zou Spanje dezelfde tijd moeten hebben als Engeland en Portugal, maar toen Europa in tijdzones werd ingedeeld, was Franco aan de macht en die wilde dezelfde tijd hebben als Duitsland. Tussen het moment dat de zon opkomt in Barcelona in het oosten en La Coruña in het westen, zit bijna een uur verschil. Galicië ligt recht boven Portugal, maar heeft niet dezelfde tijd als het buurland. Of de minister haar plan verder gaat uitwerken, is nog niet bekend. Maar voorlopig hebben de Spanjaarden weer voldoende gespreksstof in de bar en bij de kapper, tot laat op de avond.

Het bos van Basajaun

29/11/2016

img_7931

Zonder blad nu in de herfst, maar bedekt met mos groeien de takken van deze beuken naar de hemel. Een bijzonder gezicht, want takken groeien meestal horizontaal. Maar deze beuken zijn zo geknot dat de takken omhoog groeien vanuit de stam. Je zou het kunnen vergelijken met de knotwilgen in de Nederlandse uiterwaarden. Als de takken dik genoeg zijn, worden ze van de boom gezaagd en gebruikt voor houtskool, waarna vervolgens nieuwe takken uit de kroon van de boom zullen groeien. Op deze manier wordt de beuk een lang leven gegund. Als je met wat fantasie naar de bomen kijkt, krijgen ze menselijke trekjes. De takken die als armen de wandelaar joviaal begroeten. Een sprookjesbos. Bij sommige bomen is de kroon zo grillig geworden dat je er een gezicht in kunt herkennen. Nee, moét herkennen. Want dit bos is het decor van de Baskische mythologie. Hier leefde Basajaun, de wildeman van de Baskische bossen. Hij was de beschermer img_7999van de schaapsherder. Als hij onraad rook, er was een wolf in de buurt of noodweer op komst, gilde hij door het bos om de herder te waarschuwen. De echo kun je nog steeds horen in de uitgeholde stammen van de oude beuken. Basajaun was ook de eerste landbouwer. Hij leerde de Basken hoe ze het land moesten bewerken. Hij gaf ze inspiratie bij het ontwikkelen van nieuwe landbouwwerktuigen.

Vooral op dagen van mist en regen, wanneer in de mist alleen de contouren van de bomen zijn te herkennen, dan komt de Baskische mythologie in dit bos tot leven. Dit verschijnsel bleef ons onthouden op deze laatste zondag van november. Het leek wel lente, het was zonnig en een graad of 20. Dat lokte veel families naar het bos van Otzarreta. Het gegil van Basajaun had plaats gemaakt voor het gegil van kinderen die verstoppertje speelden in de wigwams van takken, de typische stellages voor het maken van houtskool. Het zijn een stuk of honderd beuken die er staan, aan weerszijden van een beekje dat img_7949vanuit de bergen komt stromen. Als de herfst een tapijt van bladeren rond de bomen heeft neergelegd, is het bos op zijn mooist. Dan vallen de vreemde vormen van de beuken nog meer op. Daarom is dit bos een gewilde lokatie voor fotografen. Ze plaatsen hun statief in of net naast het beekje en wachten op de juiste lichtval dat glijdt over het water en over de met mos begroeide boomwortels, die langs de oever kronkelen. Het bos van Otzarreta ligt dicht bij de N240, de nationale weg van Bilbao naar Victoria ter hoogte van de bergpas van Barazar en aan de oostkant van het natuurpark van Gorbeia. Vanuit het bos is de besneeuwde bergrug van Gorbeia te zien en op heldere dagen ook het monument voor de Maagd van Gorbeia. 

De leeuw brult niet meer

25/11/2016

023

Gorka schudt met zijn hoofd. Getooid met een txapela, de Baskische baret en knagend op een stokbrood belegd met varkenslapjes, druipt de verveling van zijn gezicht. Saai vindt hij het. En hij heeft het niet over het spel op de grasmat, waar Athletic niet kan en Villareal, toch vierde op de ranglijst, niet wil. Het lijkt of de gele onderzeeër, de bijnaam van de club, siësta houdt op een koraalrif. Maar Gorka heeft het niet over het tamme onderonsje op het veld. Hij wijst naar de tribune. De leeuw brult niet meer. De tijd dat de tegenstander met knikkende knieën het veld op kwam, bang om door het temperament van de leeuwen van Athletic van het veld te worden geblazen, lijkt voorbij te zijn. Spreekwoordelijk stond de thuisclub in die tijd voor het eerste fluitsignaal dan al met 1-0 voor.  In het nieuwe San Mamés wil die sfeer maar niet terugkomen. Wat is dat toch met nieuwe stadions. Het overkwam Ajax in de Arena, Atletico de Madrid vreest dat het ook daar gaat gebeuren als de club aan het einde van het seizoen Vicente Calderón gaat verlaten en in Bilbao haalt het gebrek aan passie op de tribune zelfs de kranten. Zit het tussen de oren of de lichtmasten. Zelfs in Bilbao wordt nu gesproken over het creeëren van sfeervakken. Vanuit die vakken moet de rest van het stadion weer wakker worden geschud. Onbegrijpelijk vindt Gorka het, al is ook bij hem de 021passie ver te zoeken. Een keer schreeuwt hij ´cojones´, als de scheidsrechter in zijn ogen een verkeerde beslissing neemt.

Juist de hechte band tussen de spelers op het veld en de supporters op de tribune was altijd het geheime wapen van de club. Vijf jaar geleden, toen Athletic nog in het oude San Mamés, ook tegen Villareal speelde, de foto boven deze post werd tijdens die wedstrijd genomen, schreef ik al dat bij Athletic alleen maar Basken, of spelers uit de Rioja, Navarra en Frans Baskenland in het eerste team mogen spelen. En dat schept een band. De supporters identificeren zich met de spelers die ze zagen opgroeien op het trainingscomplex van Lezama. De resultaten van dit beleid zijn terug te lezen in een ranglijst van het Zwitserse onderzoeksbureau CIES Football Observatory. Gekeken is naar spelers die tussen hun 15e en 21e jaar minimaal drie jaar bij hun club hebben gespeeld. In het lijstje van de beste vijf competities staat Athletic de Bilbao op de eerste plaats. Het percentage geeft het aantal minuten aan dat deze spelers voor het eerste team in de competitie speelden in de eerste maanden van het lopende seizoen. Het geeft een aardig beeld van de doorstroming van de jeugdopleiding naar het eerste elftal. Op de ranglijst bij alle clubs die bij de UEFA zijn aangesloten, moet Athletic twee clubs voor zich dulden. Opmerkelijk is de 48e plaats van Ajax, dat was toch de club die in heel Europa werd geroemd om de jeugdopleiding. Maar er blijkt nog heel wat werk te liggen voor Van der Sar, Overmars en kornuiten.

Een jacht van 232 miljoen

12/10/2016

YATE DE LUJO , FOTO DE BORJA AGUDO, 5/10/2016

Had het gezicht van die vissers op de kade wel eens willen zien, toen in het holst van de nacht dat mysterieuze gevaarte in de haven van Getxo verscheen. Een kruising tussen een jacht, cruiseschip en onderzeeër. Waarschijnlijk moesten ze wel even slikken, helemaal omdat ze wellicht een paar dagen geleden in de krant hadden gelezen dat twee Russische gevechtsvliegtuigen langs de kust van Bilbao waren gevlogen en dat in de Golf van Vizcaya een Russische atoomondezeeër was gesignaleerd. En nu opeens dit vreemde schip, waarvan de eigenaar een Rus is. De vissers konden opgelucht ademhalen. Dit jacht is slechts het speeltje van de Russische multimiljonair Andrey Melnichenko. Hij liet het jacht dopen met de naam A, naar de eerste letter van de voornaam van zijn liefje, het Servische model Aleksandra Nikolic. Het echtpaar liet zich niet zien en dat maakte het bezoek juist zo mysterieus. Waren ze überhaupt wel aan boord?

mega-yate-a-1Het jacht, ontworpen door de Fransman Philippe Starck, is 119 meter lang. Aan boord is een zwembad, discotheek, een bomvrije suite, heliplatform en er is een geheime kamer voor het geval dat de 44-jarige Melnichenko, die een vermogen heeft van 10 miljard euro, zich schuil moet houden als bijvoorbeeld het kogelvrije glas en de veertig camera´s hun werk niet hebben gedaan. Melnichenko richtte in 1993, toen hij 23 jaar was, de Russische bank MDM op, waar zijn miljonairsvriendjes hun vermogen veilig konden onderbrengen. Daarna ging hij in zee met de staalmagnaat Popov. Op de lijst van Forbes, staat hij op de 129e plaats van meest rijke mensen ter wereld. Zijn jacht heeft hij overigens te koop gezet voor zo´n 300 miljoen euro. Hij is er een beetje op uit gekeken, nu zijn zeilschip, het grootste ter wereld en ook ontworpen door Philippe Starck, te water is gelaten.

Na twee dagen in Getxo te hebben gelegen, ging de ´A´ richting Santander. We zagen het schip langsvaren vanaf ons strand in Castro. Mijn jongens hadden geen oog voor de miljonairsschuit. Ze waren dolbij met de vlieger die papa een dag eerder had gekocht voor 12,95 euro.  

 

Voor jou..

09/10/2016

img_7162-1

Als je in een Spaanse bar zit en je bent uitgekeken op de televisie, naast je zit iemand die de krant leest en de ober is te chagarijnig om maar goedendag te zeggen, dan hoef je meestal maar om je heen te kijken om je niet te vervelen. Veel barren hebben het interieur van een etnografisch museum. Oude zwartwit foto´s van de stad, de straat of de familie, gesigneerde voetbalfoto´s, ingelijste krantenknipsels van historische gebeurtenissen, het shirt, het schoeisel of andere relieken van sportheiligen. Of zoals in bar Zuretzat waar langs de muren een hele collectie helmen hangt van de bouwvakkers die aan het Guggenheim werkten. Toen ik voor het eerst de bar binnenkwam moest ik gelijk denken aan een knekelhuis. Hier hingen geen helmen maar schedels. Bijna alle helmen zijn wit, alleen boven de ingang hangen een blauwe en groene helm van twee vrouwen die aan het Guggenheim werkten. Boven het gangetje dat naar het toilet en het eetgedeelte leidt, hangt de helm van de architect Frank O Gehry. De naam geschreven op een pleister, zoals kinderen dat doen op hun broodtrommeltje en beker die ze meenemen naar school. De ober wist of wilde me niet meer vertellen dan dat Gehry de helm had achtergelaten als dank voor alle kopjes koffie die ze hem tijdens de bouw hadden geserveerd. Waarschijnlijk was het personeel toen vriendelijker dan nu. Maar misschien lag het ook aan mijn vraag of deze helmen waren gekocht in de speciaalzaak voor de bouwsector tegenover de bar. Alle vragen die ik daarna nog stelde werden kortaf afgedaan. Met Nederlandse humor maak je in Spanje niet snel vrienden.

img_7163-1Maar het kan ook best zo zijn dat Gehry met zijn collega´s hier zijn koffie kwam drinken. De bar ligt op iets meer dan honderd meter van het Guggenheim, in de straat Iparraguirre, de straat waar de puppy van Jef Koons recht inkijkt. Misschien was het aan het einde van deze straat, aan de toen nog zestien meter hoge ´afgrond´ boven de houtopslag op de kade van de rivier´ dat de directeur van de stichting Guggenheim Thomas Krenz en Frank Gehry, toen nog adviseur van de stichting, de ingeving kregen om hier het Guggenheim te bouwen. Op de kade en onder de brug van Salvé. Gehry zou bij de opening van het museum vertellen dat toen hij de lokatie zag, zijn hand uit zichzelf het potlood over zijn aantekenboekje stuurde en dat een groot deel van de vormen van het museum tijdens dat magische moment zijn ontstaan. Het ontwerp van het museum vertelt de geschiedenis van Bilbao, het verhaal over de haven en de produktie van ijzer en staal. Wat Gehry zag op dat moment was nog geen geschiedenis, het was de realiteit. Kijkend naar de helm van Gehry probeer ik me voorstellen wat er onder deze helm en in het hoofd van Gehry zich afspeelde in die tijd. De bar waar Gehry zijn koffie dronk heet Zuretzat. Dat is Baskisch voor ´voor jou´. Misschien zei Gehry dat tegen de ober toen hij zijn helm achterliet. Hij had het ook kunnen zeggen tijdens zijn toespraak bij de opening van het museum in 1997, volgend jaar precies twintig jaar geleden. 

Ademloze kunst

22/09/2016

img_7669

De mensen op de foto zijn allemaal in de war. Ze lopen verbaasd rond. Bij binnenkomst zagen ze een uitgeputte toerist op de grond zitten tussen zijn bagage. Op drie tafels in het midden van de zaal zitten drie naakte vrouwen, de benen uit elkaar, zonder enige gêne. Bij de muur kijkt een verkoper uitdagend naar het publiek. De toerist, de vrouwen en de verkoper zijn échte mensen, maar ze bewegen niet. Het zijn geen straatartiesten die je een muntje kunt geven, waarna ze gaan bewegen. De mensen in deze zaal zijn levensecht, maar zullen nooit tot leven komen. Geen vlees en bloed, maar glasvezel en polyester. De drie naakte vrouwen, de toerist en de verkoper, maar ook de twee arbeiders, het meisje met het gezicht naar de muur en de oma met de baby op de arm, horen bij de expositie Hyperrealisme 1973-2016 die in het museum van Schone Kunsten van Bilbao wordt gehouden. Nog even, op maandag zullen ze de zalen weer verlaten.

img_7654 Gisteren was de laatste woensdag, de dag dat de toegang tot het museum gratis is, voor de expositie eindigt. Dat was de reden dat er in de middag een enorme rij niet alleen vóór het museum stond, maar bijna óm het hele museum. Als de mensen die aansloten, toen de rij de laan tussen de plaza de Euskadi en het park Doña Cassilda bereikte, richting het museum waren gaan staan, had de rij de ronde om het museum voltooid. Nu boog de rij af richting de plaza de Euskadi en werd er een halve kring om de Baskische schilder Ignacio de Zuloaga gevormd. Als hij zich had kunnen omdraaien op zijn voetstuk, had hij de hele rij kunnen begroeten. Maar de mensen die om hem heen stonden, kwamen niet voor zijn werk. Tenminste, deze keer niet. Iedereen kwam voor de toerist, de verkoper, de drie naakte vrouwen en de andere kunstwerken van het Hyperrealisme, een kunststroming uit de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw. Nog even snel voor het te laat was. Heel menselijk, wachten tot het laatste moment én op een dag dat het museum gratis is, dat scheelt weer zeven euro. Maar dan sta je wel met zijn allen opeengepakt rond de kunstwerken. Heel even verlangde ik naar die vijf exclusieve bezoeken aan de tentoonstelling van Jeroen Bosch in het Prado in Madrid. Al vormden de stillevens wel een mooi contrast met de gekte van de bellende, poserende, pratende en fotograferende massa. Als bakens van rust stoorden zij zich niet aan de drukte. Hieronder nog wat foto´s van de expositie.

img_7670

 

 

 

 

 

 

 

 

img_7665

 

 

 

 

 

 

img_7661

 

 

 

 

 

 

img_7676

Uit de Bermudadriehoek in de pan

03/03/2016

IMG_5586

Het is een ongelooflijk verhaal, maar deze witte sliertjes van zo´n twee tot drie jaar oud, niet groter dan een lucifer en een gewicht van minder dan een gram, hebben een enorme wereldreis achter de rug. Zo´n twee of drie jaar geleden vertrokken ze uit de Sargassozee, een zee aan de westrand van de Atlantische oceaan, waarin een deel van de Bermudadriehoek ligt. Ze lieten zich meevoeren op de stroming, langs de Azoren op weg naar de Europese kust. Daar draaiden ze om de noordwesthoek van Galicië heen, volgden de Cantabrische kust en besloten ter hoogte van Santurtzi de Ría de Nervión  in te slaan, richting Bilbao. Ze zwommen onder de Puente Colgante door, kwamen langs het Guggenheimmuseum, langs de markt aan de rand van de oude wijk en een stukje verderop, bij La Peña, waar het zeewater het water van de rivier ontmoet, liepen ze in de fuik. In het holst van de nacht. Op de dag hadden ze zich nog stil gehouden op de bodem van de rivier, omdat ze het daglicht niet kunnen verdragen, maar ´s snachts hadden ze hun spitse snuitje opgericht, priemden de kleine zwarte kraaloogjes naar IMG_5589het wateroppervlak en rrrratsss, met één haal van het schepnet werden ze uit het water gehaald. Zo moet de reis van deze glasaaltjes er ongeveer hebben uitgezien. Ze waren terug op de plaats vanwaar hun ouders, jaren geleden waren vertrokken.  Angulas heten ze in het Spaans en ze zijn een delicatesse in de Spaanse, met name Baskische, keuken. De prijs schommelt rond de 400 tot 500 euro per kilo. Rond de Kerstdagen loopt de prijs nog verder op. De glasaal is de enige jonge vis die mag worden gevangen. In Noord-Spanje loopt het visseizoen tot eind februari. De aaltjes worden levend meegenomen naar huis en gaan dan in een pan kokend water met tabak. Daarna worden de glibberige beestjes van hun slijm ontdaan. In Vizcaya is het de traditie om de angulas te bereiden in olijfolie met knoflook en Spaanse pepers. Zo verschenen ze een paar dagen geleden ook op tafel in de jaarlijkse angulada waar vrienden uit Bilbao me voor hadden uitgenodigd. Een keer per jaar is zo´n culinair feest nog wel te betalen. Toen in de jaren tachtig de rivieren zo vervuild waren dat er nauwelijks nog glasaaltjes werden aangetroffen, besloot de belangrijkste onderneming van angulas, Arguinaga uit Orio, om een surrogaat op de markt te brengen onder de naam Gulas del Norte. Maar het verschil in smaak gaat veel verder dan de naam doet vermoeden. Gulas is niet meer dan vermalen witvis als koolvis en blauwe wijting. De Japanners noemen het surimi. Om de Gulas op de echte glasaal te doen lijken worden er zelfs kleine zwarte oogjes aangebracht. Maar wie ooit angulas heeft geproefd zal zich nooit laten foppen door een gula. 

Een sprookjespaleis in de straat

24/02/2016

IMG_5543

De lente is het seizoen dat alles in de natuur laat ontluiken. Maar dezelfde natuur heeft er in de herfst en winter voor gezorgd dat dit prachtige kasteel nu uitgebreid kan pronken.  Weliswaar met behulp van het grondige snoeiwerk van wat hoveniers. In de zomer komen slechts de kleine torentjes met kantelen als kronen boven het groen uit. Maar nu zien we aan de andere kant van de muur ook de ramen, ontworpen in de neo-mudéjarstijl. Meer is er van het kasteel niet te zien. Dichterbij komen is onmogelijk door de enorme muur die om de tuinen van het kasteel is opgetrokken. Het kasteel staat een stukje verderop bij ons in de straat. Bij het kasteel gaat de straat de tunnel in. Tegenover het kasteel, aan de andere kant van de straat, staat een paleis, ontworpen in dezelfde eclectische stijl. Paleis en kasteel waren eigendom van Luis de Ocharán Mazas. Hij was eigenaar van de mijnen van Alén in Vizcaya. In 1895 kocht Ocharán in Castro een terrein van zeven hectare en liet castilloyplacio_antes-y-despuc3a9sdat inrichten met een paleis, een kasteel, een sterrenwacht, een kapel, een Oosters paviljoen, vijvers en een botanische tuin. De architect Eladio Laredo, geboren in Castro Urdiales, ontwierp de verschillende gebouwen. Ocharán en Laredo vormden dezelfde tandem als Guëll en Gaudí in Barcelona. Aan de Gran Vía in Madrid ontwierp Laredo voor Ocharán een stadspaleis, het andere gebouw ´op de kop´ pal achter het Metrópolis, met de reclame van Rolex op de gevel, Gran Vía nummer 1.  Laredo basseerde zijn werk op de historische architectuur, een stijl die paste in de stroming van het Modernisme en Jugendstil, waar neo-stijlen als gotiek, mudéjar en renaissance samenvloeiden. Hierboven een foto uit 1914 van het recent voltooide kasteel en op de achtergrond het paleis. 

Het paleis is opgetrokken in de stijl van de Italiaanse villa´s van Paladio, aangekleed met marmer en keramiek. Vanuit zijn paleis zag Ocharán de pier in de haven, waar de schepen werden geladen met ijzererts uit zijn mijnen. Het was zijn privé-pier waar hij kon aanleggen als hij met de boot vanuit zijn geboorteplaats Bilbao naar Castro Urdiales kwam. De pier heet nog steeds ´muelle de Don Luis´. Tussen het paleis en het kasteel liep het spoor waarover de treinen van zijn mijnen naar de haven van Castro reden, aangelegd langs het spoor dat Castro Urdiales met Bilbao verbond. Bij het landgoed van Ocharán gingen de treinen de tunnel in, zodat de zakenman eenvoudig over het gazon boven de tunnel van het paleis naar het kasteel kon wandelen.

In de jaren zeventig betrok Miguel de la Vía het complex. De La Viá was eigenaar van de steengroeve in Santullán, een dorp in de buurt van Castro, en had IMG_5548verschillende constructiebedrijven. Naast het paleis en kasteel van Ocharán hoorde ook het kasteel van Loizaga in Galdames tot zijn bezit. In dat kasteel bracht hij zijn 43 Rolls Royces onder, de grootste collectie van Europa. In 2009 overleed De la Vía. Zijn familie komt sporadisch naar het landgoed in Castro. De gemeente wil nu een deel van de tuinen openstellen voor het publiek en heeft daarvoor een overeenkomst uit de la gehaald die ruim vijftien jaar geleden tussen gemeente en De la Vía werd getekend. De la Vía mocht zijn steengroeve uitbreiden en in ruil daarvoor kreeg de gemeente een deel van de tuinen van het landgoed in bezit om als stadspark in te richten. Maar niemand weet wanneer die plannen worden uitgevoerd. We wandelen langs de hoge muur, langs een deur die potdicht zit en steken daarna de straat over om door een laan langs een andere muur, bekleed met mos, naar beneden te wandelen, naar de voorkant van het paleis. Ook daar is het hekwerk hermetisch gesloten en worden pottenkijkers gewaarschuwd dat de waakhonden bijten. Daar staan we dan. Cultureel erfgoed achter de tralies, maar de straf is voor de liefhebber van cultuur. Ik kijk naar mijn zoontje en ik hoop dat hij de Schaduw van de wind voelt. Dat dit sprookjespaleis achter het hekwerk het Aldaya Palazzo bij Tibidabo in zijn dromen wordt. Aan dat avontuur heeft hij zijn naam toch een beetje te danken. En een beetje aan papa, en een beetje aan de glimlach van de profeet Daniel in het portaal van de Glorie in de kathedraal van Santiago de Compostela. 

De wereldkaart van Bilbao

07/02/2016

 

 

1842

En dan kom je terug uit Peru, denk je dat je een wereldreis hebt gemaakt, meer dan elf uur in het vliegtuig, en dan zie je in de krant de wereldkaart van Bilbao en blijkt Latijns-Amerika niet meer dan een buitenwijk te zijn van de Baskische stad. Bilbao in het centrum van het universum. Het is een Bilbainada over een inwoner van Bilbao die op de Rastro in Madrid op zoek is naar een oude prent van zijn stad. Als hij snuffelt in de dozen met oude kaarten en plattegronden vraagt de verkoper wat de man zoekt. Als de man uitlegt wat hij wil hebben, schudt de verkoper zijn hoofd en zegt dat de oudste plattegrond die hij heeft, een Mapamundi is. Precies wat ik zoek, zegt de man uit Bilbao, een kaart van Bilbao en omstreken. Het had de kaart boven deze post kunnen zijn, eind jaren negentig ontworpen door JEK Larson. De kunstenaar liet zich inspireren door de onvolledige kaarten uit de tijd van het Romeinse rijk. Je zou een Baskische naam verwachten bij deze typische vorm van humor. De artiest is ook een Bask, JEK Larson is niet meer dan zijn schuilnaam. De kunstenaar heeft zijn werk ´gesigneerd´ boven het Euskalduna Palace.

1945Het is nauwelijks te ontcijferen, maar boven Euskalduna staat estatua de Echegoien, sculptuur van Echegoien. In de straat Manuel Allende voor bar Piropos staat inderdaad een kunstwerk van Echegoien. Juan Echegoien Krug is zijn volledige naam.  J E K. Daarmee is JEK verklaard.  Larson is de naam van een Amerikaanse komiek uit de wereld van de absurde humor.  Een bijzondere man die Echegoien. El Correo, de krant van Bilbao, wijdde onlangs een groot artikel aan hem. Bijna twintig jaar werkte hij in New York. Zijn opdrachtgevers waren MOMA, kunstgalerijen aan de Fifth Avenue, de VN. Hij mocht Andy Warhol tot zijn vriendenkring rekenen. Omdat de wereldkaart van Bilbao totaal niet bij zijn genre paste, besloot hij het te signeren met het pseudoniem JEK Larson. Maar dat bracht met zich mee dat niemand wist wie de kaart, en andere afbeeldingen van Bilbao, zoals de puppy voor het Guggenheim, had ontworpen. Zonder toestemming van Echegoien werd de kaart voor publicatie gebruikt. Niemand kende immers JEK Larson. Dus maakte Echegoien zich toch maar bekend. Op de site www.topcityart.com publiceert hij zijn tien werken over Bilbao. Via de site kun je ook een persoonlijk ontwerp aanvragen. Zo hebben Barcelona, Manhattan, Honolulu, de stad waar zijn dochter woont, én Artziniega, een dorp in Álava, het ontwerp van een eigen wereldkaart aangevraagd. Voor het Guggenheim ontwierp hij een schetstekening van het museum als cadeau voor de donateurs. Het ´serieuze´ werk presenteert Echegoien op zijn eigen site www.echegoien.com