Posts Tagged ‘Bilbao’

De tapasader van Castro Urdiales

21/07/2018

De foto boven deze post is een sfeerbeeld van de straat La Rua bij ons in het dorp. Samen met de straat Ardigales, die in het verlengde loopt is het de tapasader van ons dorp. Een meer dan geschikte straat voor pintxopote, een Baskisch woord voor een kroegentocht met in iedere bar een wijntje of biertje met een hapje. Het Baskenland staat bekend om zijn tapasstraten, zoals in de oude wijken van Bilbao en San Sebastián. Laatstgenoemde plaats heeft de hoogste concentratie aan tapasbarren in de oude wijk van heel Spanje.  Na een bezoek aan een stuk of vijf barren heb je een aardige maaltijd bij elkaar gegeten en begint de wijn ook zijn tol te eisen. Dus je moet een keuze maken en dat valt niet mee met zo´n groot aanbod. Meestal kom je bij dezelfde barren, omdat ook vrienden daar naar toe gaan of omdat het vertrouwd en altijd goed is. Als we in Ardigales beginnen, is de eertse halte bar Javi. Deze bar heeft het grootste en meest gevarieerde aanbod aan tapas. Op een zaterdag worden ongeveer 240 tapas geserveerd. Naast bar Javi zit het beste restaurant van Castro Urdiales, La Arboleda. Voor de deur staat een vitrine waarin een vers zeebanket in het ijs ligt. Schuin tegenover heeft de eigenaar van La Arboleda Casa Pili overgenomen. Pili sneuvelde na de uitzending van het programma Pesadilla en la cocina, de Spaaanse variant op Herrie in de Keuken. Het nieuwe restaurant heet El Nuevo Funi en de specialiteit is paella, waarmee het restaurant een grote concurrent is voor Don Quichote, die dezelfde specialiteit heeft en ernaast is gevestigd.

Een stukje verderop in de straat zit sidreria Marcelo, dat al jaren het beste vlees van Castro aanbiedt. Als je een menu bestelt, kun je onbeperkt cider tappen uit het vat. Naast Marcelo zit de Lechería, een favoriet voor ouders met kinderen om kip te eten. Een stukje voorbij Marcelo is de populaire nachtkroeg La Noche, een mooie bruine kroeg van de Catalaanse eigenaar Carlos. Na La Noche eindigt de straat Ardigales bij de calle Santander. Aan de overkant begint La Rua met nog meer tapasbarren. El Figon Rosa, la Bodeguita, El Quinto Pino, La Vineria, Kike-U2, La Marinera. De Rua eindigt bijna ín de bar La Kaloka die op de kop van de straat is gevestigd. Net voor La Kaloka zit in de zijstraat Nuestra Señora de bar La Fuente, waar de specialiteit tortilla de patatas is. De tortilla wordt steeds vers uit de keuken van een aanpalend pand op de toog van de bar gezet. En dan zijn in deze route de barren rond het plein van het gemeentehuis in de haven nog niet eens opgenomen. La Cierbanata, la Goleta, Los Chelines, het befaamde restaurant El Marinero en Alfredo. En dan hebben we het ook nog niet gehad over de txistorra van bar Artxanda, de Argentijnse empanadillas van Los Bocaditos en alle andere barren die ongetwijfeld een bezoek meer dan waard zijn. Misschien moeten we die maar bewaren voor een volgende post. Zo blijft het schrijven van een blog een heerlijke bezigheid.

Anuncios

De omhaal komt uit Bilbao

06/04/2018

In Madrid zijn ze nog lang niet uitgesproken over de omhaal van Ronaldo tegen Juventus. In de sportkranten AS en Marca worden alle details van zijn actie belicht. De hoogte van de uitgestrekte voet en rug van de Portugees berekend vanaf de grasmat, de snelheid van de bal, etc. In de Baskische krant El Correo kwamen ze met een hele andere invalshoek. De omhaal is bedacht door een speler uit Bilbao. Het is weer een mooi voorbeeld van een typische bilbainada, de typische grootheidswaanzin van de inwoners van Bilbao. Ik schreef al eerder over dit fenomeen. Maar dit  verhaal wordt met steekhoudende argumenten onderbouwd en legt ook nog eens uit, waarom de omhaal in het Spaans een chilena heet. De hoofdrolspeler is de man van het standbeeld op de foto boven deze post, Ramón Unzaga. De voetballer werd in 1894 in Bilbao geboren en vertrok op 12-jarige leeftijd naar Chili. Zes jaar later nam hij de Chileense nationaliteit aan.

Hij maakte furore als voetballer in Talcahuano, terwijl hij doordeweeks werkte als boekhouder bij een kolenmijn. De eerste omhaal zou hij gemaakt hebben in 1914. Niet om een doelpunt te maken, maar om de bal uit het eigen zestienmetergebied te jagen. Het werd zijn handelsmerk. Bij de interlands om de Copa America kreeg Unzaga in landen als Argentinië, Brazilië en Uruguay internationale erkenning met zijn acrobatische actie. Daar hadden ze de omhaal nog nooit gezien. In die landen werd in de pers voor het eerst over la chilenita gesproken. Overigens verloochende Unzaga met zijn karakter zijn Baskische afkomst niet. Het was een heethoofd die regelmatig met rood uit het veld werd gestuurd. Een keer kwam hij terug uit de kleedkamer met een pistool, liep op de scheidsrechter af en schoot twee keer in de lucht. Voor een keer kwam het eindsignaal niet uit de fluit van de scheidsrechter. Vier jaar geleden, in 2014, precies honderd jaar na zijn eerste omhaal, kreeg Unzaga een standbeeld voor het stadion, dat ook al zijn naam had gekregen en waar La Naval speelt, een club uit de Tweede Divisie. 

Het huis van mijn vader

24/02/2018

Waar was ik toen, vroeg ons tweede zoontje toen hij een babyfoto van zijn anderhalf jaar oudere broertje zag. In onze gedachte, antwoordde zijn moeder. Dezelfde vraag kwam in mij op, toen ik onlangs bovenstaande foto op Facebook zag. Een luchtfoto van mijn geboortedorp Beesd uit 1960. Het huis waar mijn wieg stond is te herkennen boven in de foto in de rechterstraat van het rechthoek van vier straten, ter hoogte van de t-splitsing. Je moet er wel voor inzoomen om het te kunnen zien. Vier huizen op een rij, waarschijnlijk nog in aanbouw, want mijn ouders trokken er in 1964 in. Een typisch huis volgens de architectonische normen uit die tijd; rijtjeshuis en doorzonwoning. Waar was ik, toen deze foto werd genomen. Het zou nog tien jaar duren voor ik in huis kwam. Een paar jaar geleden zetten we het huis in de verkoop. Toen ik dat tegen Baskische vrienden vertelde, fronsten sommigen hun wenkbrauwen. Want voor veel Basken is een huis een bezit voor de eeuwigheid. De dakpan is het symbool voor eigendom. Toen het huis werd leeggehaald, begreep ik de Baskische reactie nog niet. Dat begrip kwam wel toen jaren later het huis werd verkocht en er al snel een grote afvalcontainer in de voortuin stond. Na materieel bezit werd nu de ziel uit het huis gesneden. Het huis zou nooit meer hetzelfde zijn. Vertrouwde hoekjes verdwenen, tussenmuren werden geslecht, en de telefoon met de draaischijf aan de muur bij de trap zal er waarschijnlijk ook niet meer hangen.

Overigens zal de Bask zonder problemen afstand doen van zijn appartement, zoals die torenhoog in de plaatsen tussen de bergen staan. Eibar is daar een mooi voorbeeld van, een plaats aan de snelweg tussen San Sebastián en Bilbao, waar alleen  appartementenblokken van elf of twaalf verdiepingen staan, omdat er geen ruimte is voor laagbouw. Als de Bask het over zijn huis heeft, heeft hij het over zijn etxea, een landhuis of boerderij. Die blijven voor eeuwig familiebezit. De bewoners stellen zich niet voor met hun achternaam, maar met de naam van hun huis. Of het huis is de achternaam geworden, zoals bij Etxaberria, wat Nieuwhuis betekent. Zelfs de voornaam Xavier is afgeleid van Etxaberria. De Baskische poeet Gabriel Aresti schreef in het Baskisch een mooi gedicht over het Baskische huis, de etxea. Hieronder een vrije vertaling. 

Ik zal het huis van mijn vader verdedigen,

tegen wolven, tegen de droogte, tegen woekerpraktijken, tegen de wet

Ik zal het huis van mijn vader verdedigen

al zal ik het vee, de moestuinen, de pijnbomen verliezen

al zal ik de rente, de opbrengsten, de dividenden verliezen

toch zal ik het huis van mijn vader verdedigen

Ze kunnen mijn wapens afnemen, en met mijn handen zal ik het huis van mijn vader verdedigen

Ze kunnen mijn handen afhakken en met mijn armen zal ik het huis van mijn vader verdedigen

Ze kunnen me zonder armen, schouders en borstkast laten en met mijn ziel zal ik het huis van mijn vader verdedigen

Ik zal dood gaan, mijn ziel zal verloren gaan, mijn nageslacht zal verdwijnen

maar het huis van mijn vader zal er altijd blijven staan

 

Een kok die speelt met vuur en ijzer

27/01/2018

Op de top van Anboto. Aan de voet van deze 1300 meter hoge berg ligt het dorp Axpe. Op de foto zijn in de vallei nog net wat huizen en boerderijen zichtbaar. Mijn vrienden wezen me boven op de bergtop op dat dorp omdat daar in een boerderij het restaurant Etxebarri is ingericht. Je kunt er van alles van de grill eten, maar je moet wel geld meenemen. Dat klinkt als een understatement, maar als een Bask dat zegt, dan betekent dat heel veel geld. Een Bask zal niet snel zeggen dat iets duur is, als de kwaliteit er maar naar is. En inderdaad, op de site van het restaurant prijkt een gemiddelde menuprijs van 176 euro, exclusief de drankjes. Maar dan eet je wel in een exclusief restaurant. Vorig jaar eindigde Etxebarri op de zesde plaats van de lijst van vijftig beste restaurants van de wereld, The World´s 50 Best. De lijst wordt jaarlijks opgesteld door het Engelse tijdschrift Restaurant. Dit jaar zal de prijsuitreiking in Bilbao plaatsvinden.

Het is opmerkelijk dat Etxebarri nog niet is bekroond met een michelinster en dat is waarschijnlijk ook de reden waarom dit restaurant niet zo bekend is als de restaurants in en rond Bilbao die die sterren wel hebben, zoals Nerua in het Guggenheim, Etxanobe in Palacio Euskalduna, Mina, Zortziko, Zarate, en Azurmendi. Waarschijnlijk zou eigenaar Bittor Arginzoniz zijn schouders ophalen als hem naar dit feit zou worden gevraagd. Hij groeide op in de boerderij dat nu zijn restaurant is. Hij leerde het vak thuis in de keuken en ging niet in de leer bij andere koks. Zijn succes is dat hij trouw bleef aan de Baskische wortels van de kookkunst. En daarin staat het zogenaamde kilometer nul punt centraal. De ingedriënten moeten niet van ver worden gehaald. Hij gaat zelf naar vissersplaatsen als Ondarroa, Bermeo of Santoña om daar bij de visafslag de beste exemplaren te selecteren. Op het land bij zijn boerderij grazen buffels die hij uit het Italiaanse Lazio liet over komen voor de mozarella. Hij heeft zijn eigen kippen, zodat er iedere dag verse eieren zijn en de tuin met groenten en fruitbomen is de schatkamer van zijn restaurant. In de keuken zijn de verschillende vormen van grills en pannen een belangrijk onderdeel van zijn succes. Een grill van titanium voor kroketten, een pan in de vorm van een zeef voor peulvruchten en eendenmosselen. Maar het is vooral het oog van de vakman, die speelt met het aroma van de gerechten en de hitte die afstraalt van de verschillende soorten houtskool om de smaak van de gerechten zo optimaal mogelijk te laten zijn.  

Toerist rot op!

14/08/2017

De Spaanse politiek probeert de anti-toerisme manifestaties van de laatste weken uit te leggen als uitzonderlijke acties. Maar gezien de regelmaat waarmee de acties tegen het toerisme in de media terugkeren, lijkt er toch wel wat meer aan de hand te zijn. In Palma de Mallorca, Barcelona, San Sebastián en Bilbao duiken overal leuzen op tegen de toerist, zoals het voorbeeld op de foto boven deze post. In Barcelona werd een toeristenbus bestookt door actievoerders, vooral uit de hoek van extreem-links, en in San Sebastián werd het toeristentreintje tot stoppen gebracht en kregen de toeristen een regen van confetti over zich heen. Uiteraard probeert de Spaanse regering deze acties te bagataliseren, want als dit nieuws met grote koppen in de buitenlandse pers verschijnt, kan dat grote schade berokkenen aan het toerisme in Spanje. En dat terwijl het toerisme een belangrijke inkomstenbron is voor Spanje en het aantal toeristen dit jaar waarschijnlijk het aantal van 61 miljoen gaat overschrijden. Er wordt al gesproken over meer dan 70 miljoen toeristen. Waarschijnlijk zit daar juist het probleem. Het zijn er teveel. Ze pikken de appartementen in van de Spanjaard, waardoor die moet verkassen. In de oude visserswijk Barceloneta in Barcelona ´wonen´ inmiddels meer toeristen, dan oorspronkelijke bewoners. In Palma verdrievoudigt de huur in de zomer.

Bij ons in Castro Urdiales hoorde ik iemand vertellen dat hij 894 euro huur had betaald voor een week in een appartement. De gemiddelde huurprijs voor een dergelijk appartement schommelt rond de 650 euro, per maand… Huisjesmelkers willen in de vakantiemaanden alleen maar hun appartement voor een week of  twee aan toeristen verhuren en verhogen de huur om de eigenlijke bewoner te ontmoedigen om zijn appartement aan te houden. Degenen die blijven, worden bijna iedere week geconfronteerd met nieuwe buren die feestvieren en voor overlast zorgen. Om maar te zwijgen over de uitgaansgebieden in de badplaatsen, waar de dronken jeugd de straten terroriseert. Waarschijnlijk zal de Bask die ´s ochtends in zijn stamcafé een wijntje drinkt en zich opeens ziet omringd door 40 cruisegangers die bij hun excursie recht hebben op een glas wijn en een tapa, ook niet blij zijn met zoveel toeristen. Ook de middenstand klaagt. De cruisegangers worden een paar uur door de stad geleid en hebben geen tijd om ook maar iets te kopen, niet eens een ansichtkaart. Toeristen die op markten op de eerste rij voor de kramen staan. Niet om te kopen, maar om te fotograferen. Hetzelfde geldt voor toeristen in de all inclusivehotels, die ook niet meer buiten de deur van hun hotel iets gaan eten of drinken. 

Hopelijk zullen mijn collega´s van SRC-Reizen buiten schot blijven. Want wij gaan wel keurig naar hotels, moedigen onze gasten aan om tussen de middag in de restaurants de lokale keuken te proeven en leggen de plaatselijke gewoonten en gebruiken uit om ons daar dan zoveel mogelijk aan aan te passen. Want als toerist zijn we uiteindelijk alleen maar te gast. Not all tourists are bastards. En zeker ook niet alle Spanjaarden zullen het toerisme willen uitdrijven.  

 

Het toverwoord is PIN

30/12/2016

img_8076

En dan gaat het niet om de viercijferige code van de bankpas. PIN is in deze streek, maar misschien geldt het wel voor heel Spanje, de formule om met kinderen de kerstvakantie door te komen. PIN staat voor Parque Infantil Navidad. Sporthallen, feesttenten en een grote hal in het congrescentrum BEC in Bilbao, zijn ingericht als kinderspeelplaats met glijbanen, klauterrekken, trampolines en ballenbakken. Vroeger op school heette het apekooien als alle toestellen van de gymzaal werden opgesteld. Het woord apekooien zou ook het beste onderschrift zijn voor de foto boven deze post. Deze indoor-speelparken zijn dé plaatsen voor kinderen om hun energie kwijt te raken. De traditionele appartementen in Spanje zijn te klein om kinderen wat speelruimte te geven. Daarom zijn er ook zoveel speelplaatsen in parken en op pleinen ingericht. Vaak omringd met bars en terassen, zodat de ouders met een glas wijn of bier toezicht kunnen houden. In El Gato, een bar bij ons in Castro Urdiales, is op de eerste verdieping een speelruimte ingericht met een kleine ballenbak, een glijbaan, een paar driewielers en wat dozen met speelgoed. Beneden bij de bar hangt een groot beeldscherm, waarop de ouders hun kinderen in de gaten kunnen houden. Veel ouders zoeken hier hun toevlucht op img_8091de dagen dat het regent en er niet buiten kan worden gespeeld. De foto boven deze post en die hier links, zijn overigens niet genomen in zo´n PIN, maar in het Bizkaia Park Abentura. Een enorm attractiepark, ingericht in een grote loods, achter de papierfabriek van Güeñes, een dorp ten zuiden van Bilbao. Dit kinderparadijs ging eind november open en niet alleen voor de kerstvakantie. Het is een goede optie voor ouders om hun kinderen in de komende vakanties bezig te houden. Zeker voor de ouders hier in Cantabrië. Het vakantierooster heeft in deze regio een revolutie ondergaan. De schookinderen hebben hier nu bijna dezelfde vakantieperioden als hun schoolmaatjes in Nederland. Dit jaar hadden de kinderen in Cantabrië voor het eerst herfstvakantie. Na de kerstvakantie hebben ze eind februari rond carnaval voorjaarsvakantie en daarna volgt de paasvakantie. Op 26 juni begint de zomervakantie, die niet zo lang zal zijn als in de rest van Spanje, om de vrije dagen van de herfstvakantie te compenseren. 

Er dreigt gevaar voor de siesta

19/12/2016

img_8028

Een proefbalonnetje oplaten heet het in de politiek. Een minister lanceert een plan, zonder dat al te hebben uitgewerkt en wacht dan af wat de reacties vanuit de maatschappij zullen zijn en of er draagvlak voor is, ook al zo´n mooie politieke term. Zo riep de minister van Werkgelegenheid, Fátima Báñez op vrijdag dat er niemand in Spanje na zes uur nog op de werkvloer moet zijn. Het eerste dat de Spanjaarden zich vertwijfeld afvroegen was of dat ook voor het personeel in de bar geldt. De regering wil af van het onhandige dagritme, waar de middag abrupt overgaat in de nacht, voor avond is niet eens een woord uitgevonden. De gewoonte in Spanje is dat er tot twee uur wordt gewerkt, daarna volgt de lange middagpauze van drie uur en vervolgens werkt men van 5 tot 8 uur ´s avonds. Dat dagritme is na de Spaanse Burgeroorlog ontstaan. Daarvoor kwamen de Spanjaarden bijna gelijk met hun Noord-Europese collega´s uit de fabriek. In de na-oorlogse jaren was er veel armoede. Naast de vaste baan, ging men op zoek naar een bijbaantje, una chapuza, zoals dat in het Spaans heet. Beunhazen zeggen wij in Nederland. Dus ´s ochtends tot 2 uur werd er gewerkt en na de lange middagpauze maakte men nog wat uren. Dat ritme is langzaam in het Spaanse leven geslopen en het zal niet meevallen om dat te veranderen.

Maar het moet, vindt de minister omdat die lange middagpauze de oorzaak is van de lage produktiviteit. Die 001-11laatste uren in de middag is het na een uitgebreide lunch lastig op gang komen. Regelmatig eet ik in Bilbao met een vriend die bij een bank werkt. Eerst nemen we twee wijntjes vooraf, dan bij het dagmenu nog een fles wijn en tot slot bij de koffie nog een kruidenbrandewijn. Als ik dan vraag wat hij ´s middags nog gaat doen op zijn werk, is het antwoord vaak, mails nakijken, bureau opruimen, agenda bijwerken. Veel Spanjaarden die buiten de stad wonen en in de stad werken, willen die lange pauze ook niet, omdat de tijd tekort is om naar huis te gaan, zeker als ze met de auto moeten. Dan kunnen ze op een dag vier keer in de file staan. En bedrijven die zowel filialen in Spanje als in het noorden van Europa hebben, willen ook dat de werktijden op elkaar worden afgestemd. Premier Rajoy gaf voor de verkiezingen van vorig jaar al een voorzet door aan te kondigen dat hij de klok een uur wil terugzetten en een einde wil maken aan de lange middagpauze. Volgens de meridaan van Greenwich zou Spanje dezelfde tijd moeten hebben als Engeland en Portugal, maar toen Europa in tijdzones werd ingedeeld, was Franco aan de macht en die wilde dezelfde tijd hebben als Duitsland. Tussen het moment dat de zon opkomt in Barcelona in het oosten en La Coruña in het westen, zit bijna een uur verschil. Galicië ligt recht boven Portugal, maar heeft niet dezelfde tijd als het buurland. Of de minister haar plan verder gaat uitwerken, is nog niet bekend. Maar voorlopig hebben de Spanjaarden weer voldoende gespreksstof in de bar en bij de kapper, tot laat op de avond.

Het bos van Basajaun

29/11/2016

img_7931

Zonder blad nu in de herfst, maar bedekt met mos groeien de takken van deze beuken naar de hemel. Een bijzonder gezicht, want takken groeien meestal horizontaal. Maar deze beuken zijn zo geknot dat de takken omhoog groeien vanuit de stam. Je zou het kunnen vergelijken met de knotwilgen in de Nederlandse uiterwaarden. Als de takken dik genoeg zijn, worden ze van de boom gezaagd en gebruikt voor houtskool, waarna vervolgens nieuwe takken uit de kroon van de boom zullen groeien. Op deze manier wordt de beuk een lang leven gegund. Als je met wat fantasie naar de bomen kijkt, krijgen ze menselijke trekjes. De takken die als armen de wandelaar joviaal begroeten. Een sprookjesbos. Bij sommige bomen is de kroon zo grillig geworden dat je er een gezicht in kunt herkennen. Nee, moét herkennen. Want dit bos is het decor van de Baskische mythologie. Hier leefde Basajaun, de wildeman van de Baskische bossen. Hij was de beschermer img_7999van de schaapsherder. Als hij onraad rook, er was een wolf in de buurt of noodweer op komst, gilde hij door het bos om de herder te waarschuwen. De echo kun je nog steeds horen in de uitgeholde stammen van de oude beuken. Basajaun was ook de eerste landbouwer. Hij leerde de Basken hoe ze het land moesten bewerken. Hij gaf ze inspiratie bij het ontwikkelen van nieuwe landbouwwerktuigen.

Vooral op dagen van mist en regen, wanneer in de mist alleen de contouren van de bomen zijn te herkennen, dan komt de Baskische mythologie in dit bos tot leven. Dit verschijnsel bleef ons onthouden op deze laatste zondag van november. Het leek wel lente, het was zonnig en een graad of 20. Dat lokte veel families naar het bos van Otzarreta. Het gegil van Basajaun had plaats gemaakt voor het gegil van kinderen die verstoppertje speelden in de wigwams van takken, de typische stellages voor het maken van houtskool. Het zijn een stuk of honderd beuken die er staan, aan weerszijden van een beekje dat img_7949vanuit de bergen komt stromen. Als de herfst een tapijt van bladeren rond de bomen heeft neergelegd, is het bos op zijn mooist. Dan vallen de vreemde vormen van de beuken nog meer op. Daarom is dit bos een gewilde lokatie voor fotografen. Ze plaatsen hun statief in of net naast het beekje en wachten op de juiste lichtval dat glijdt over het water en over de met mos begroeide boomwortels, die langs de oever kronkelen. Het bos van Otzarreta ligt dicht bij de N240, de nationale weg van Bilbao naar Victoria ter hoogte van de bergpas van Barazar en aan de oostkant van het natuurpark van Gorbeia. Vanuit het bos is de besneeuwde bergrug van Gorbeia te zien en op heldere dagen ook het monument voor de Maagd van Gorbeia. 

De leeuw brult niet meer

25/11/2016

023

Gorka schudt met zijn hoofd. Getooid met een txapela, de Baskische baret en knagend op een stokbrood belegd met varkenslapjes, druipt de verveling van zijn gezicht. Saai vindt hij het. En hij heeft het niet over het spel op de grasmat, waar Athletic niet kan en Villareal, toch vierde op de ranglijst, niet wil. Het lijkt of de gele onderzeeër, de bijnaam van de club, siësta houdt op een koraalrif. Maar Gorka heeft het niet over het tamme onderonsje op het veld. Hij wijst naar de tribune. De leeuw brult niet meer. De tijd dat de tegenstander met knikkende knieën het veld op kwam, bang om door het temperament van de leeuwen van Athletic van het veld te worden geblazen, lijkt voorbij te zijn. Spreekwoordelijk stond de thuisclub in die tijd voor het eerste fluitsignaal dan al met 1-0 voor.  In het nieuwe San Mamés wil die sfeer maar niet terugkomen. Wat is dat toch met nieuwe stadions. Het overkwam Ajax in de Arena, Atletico de Madrid vreest dat het ook daar gaat gebeuren als de club aan het einde van het seizoen Vicente Calderón gaat verlaten en in Bilbao haalt het gebrek aan passie op de tribune zelfs de kranten. Zit het tussen de oren of de lichtmasten. Zelfs in Bilbao wordt nu gesproken over het creeëren van sfeervakken. Vanuit die vakken moet de rest van het stadion weer wakker worden geschud. Onbegrijpelijk vindt Gorka het, al is ook bij hem de 021passie ver te zoeken. Een keer schreeuwt hij ´cojones´, als de scheidsrechter in zijn ogen een verkeerde beslissing neemt.

Juist de hechte band tussen de spelers op het veld en de supporters op de tribune was altijd het geheime wapen van de club. Vijf jaar geleden, toen Athletic nog in het oude San Mamés, ook tegen Villareal speelde, de foto boven deze post werd tijdens die wedstrijd genomen, schreef ik al dat bij Athletic alleen maar Basken, of spelers uit de Rioja, Navarra en Frans Baskenland in het eerste team mogen spelen. En dat schept een band. De supporters identificeren zich met de spelers die ze zagen opgroeien op het trainingscomplex van Lezama. De resultaten van dit beleid zijn terug te lezen in een ranglijst van het Zwitserse onderzoeksbureau CIES Football Observatory. Gekeken is naar spelers die tussen hun 15e en 21e jaar minimaal drie jaar bij hun club hebben gespeeld. In het lijstje van de beste vijf competities staat Athletic de Bilbao op de eerste plaats. Het percentage geeft het aantal minuten aan dat deze spelers voor het eerste team in de competitie speelden in de eerste maanden van het lopende seizoen. Het geeft een aardig beeld van de doorstroming van de jeugdopleiding naar het eerste elftal. Op de ranglijst bij alle clubs die bij de UEFA zijn aangesloten, moet Athletic twee clubs voor zich dulden. Opmerkelijk is de 48e plaats van Ajax, dat was toch de club die in heel Europa werd geroemd om de jeugdopleiding. Maar er blijkt nog heel wat werk te liggen voor Van der Sar, Overmars en kornuiten.

Een jacht van 232 miljoen

12/10/2016

YATE DE LUJO , FOTO DE BORJA AGUDO, 5/10/2016

Had het gezicht van die vissers op de kade wel eens willen zien, toen in het holst van de nacht dat mysterieuze gevaarte in de haven van Getxo verscheen. Een kruising tussen een jacht, cruiseschip en onderzeeër. Waarschijnlijk moesten ze wel even slikken, helemaal omdat ze wellicht een paar dagen geleden in de krant hadden gelezen dat twee Russische gevechtsvliegtuigen langs de kust van Bilbao waren gevlogen en dat in de Golf van Vizcaya een Russische atoomondezeeër was gesignaleerd. En nu opeens dit vreemde schip, waarvan de eigenaar een Rus is. De vissers konden opgelucht ademhalen. Dit jacht is slechts het speeltje van de Russische multimiljonair Andrey Melnichenko. Hij liet het jacht dopen met de naam A, naar de eerste letter van de voornaam van zijn liefje, het Servische model Aleksandra Nikolic. Het echtpaar liet zich niet zien en dat maakte het bezoek juist zo mysterieus. Waren ze überhaupt wel aan boord?

mega-yate-a-1Het jacht, ontworpen door de Fransman Philippe Starck, is 119 meter lang. Aan boord is een zwembad, discotheek, een bomvrije suite, heliplatform en er is een geheime kamer voor het geval dat de 44-jarige Melnichenko, die een vermogen heeft van 10 miljard euro, zich schuil moet houden als bijvoorbeeld het kogelvrije glas en de veertig camera´s hun werk niet hebben gedaan. Melnichenko richtte in 1993, toen hij 23 jaar was, de Russische bank MDM op, waar zijn miljonairsvriendjes hun vermogen veilig konden onderbrengen. Daarna ging hij in zee met de staalmagnaat Popov. Op de lijst van Forbes, staat hij op de 129e plaats van meest rijke mensen ter wereld. Zijn jacht heeft hij overigens te koop gezet voor zo´n 300 miljoen euro. Hij is er een beetje op uit gekeken, nu zijn zeilschip, het grootste ter wereld en ook ontworpen door Philippe Starck, te water is gelaten.

Na twee dagen in Getxo te hebben gelegen, ging de ´A´ richting Santander. We zagen het schip langsvaren vanaf ons strand in Castro. Mijn jongens hadden geen oog voor de miljonairsschuit. Ze waren dolbij met de vlieger die papa een dag eerder had gekocht voor 12,95 euro.