Posts Tagged ‘Athletic’

De leeuw brult niet meer

25/11/2016

023

Gorka schudt met zijn hoofd. Getooid met een txapela, de Baskische baret en knagend op een stokbrood belegd met varkenslapjes, druipt de verveling van zijn gezicht. Saai vindt hij het. En hij heeft het niet over het spel op de grasmat, waar Athletic niet kan en Villareal, toch vierde op de ranglijst, niet wil. Het lijkt of de gele onderzeeër, de bijnaam van de club, siësta houdt op een koraalrif. Maar Gorka heeft het niet over het tamme onderonsje op het veld. Hij wijst naar de tribune. De leeuw brult niet meer. De tijd dat de tegenstander met knikkende knieën het veld op kwam, bang om door het temperament van de leeuwen van Athletic van het veld te worden geblazen, lijkt voorbij te zijn. Spreekwoordelijk stond de thuisclub in die tijd voor het eerste fluitsignaal dan al met 1-0 voor.  In het nieuwe San Mamés wil die sfeer maar niet terugkomen. Wat is dat toch met nieuwe stadions. Het overkwam Ajax in de Arena, Atletico de Madrid vreest dat het ook daar gaat gebeuren als de club aan het einde van het seizoen Vicente Calderón gaat verlaten en in Bilbao haalt het gebrek aan passie op de tribune zelfs de kranten. Zit het tussen de oren of de lichtmasten. Zelfs in Bilbao wordt nu gesproken over het creeëren van sfeervakken. Vanuit die vakken moet de rest van het stadion weer wakker worden geschud. Onbegrijpelijk vindt Gorka het, al is ook bij hem de 021passie ver te zoeken. Een keer schreeuwt hij ´cojones´, als de scheidsrechter in zijn ogen een verkeerde beslissing neemt.

Juist de hechte band tussen de spelers op het veld en de supporters op de tribune was altijd het geheime wapen van de club. Vijf jaar geleden, toen Athletic nog in het oude San Mamés, ook tegen Villareal speelde, de foto boven deze post werd tijdens die wedstrijd genomen, schreef ik al dat bij Athletic alleen maar Basken, of spelers uit de Rioja, Navarra en Frans Baskenland in het eerste team mogen spelen. En dat schept een band. De supporters identificeren zich met de spelers die ze zagen opgroeien op het trainingscomplex van Lezama. De resultaten van dit beleid zijn terug te lezen in een ranglijst van het Zwitserse onderzoeksbureau CIES Football Observatory. Gekeken is naar spelers die tussen hun 15e en 21e jaar minimaal drie jaar bij hun club hebben gespeeld. In het lijstje van de beste vijf competities staat Athletic de Bilbao op de eerste plaats. Het percentage geeft het aantal minuten aan dat deze spelers voor het eerste team in de competitie speelden in de eerste maanden van het lopende seizoen. Het geeft een aardig beeld van de doorstroming van de jeugdopleiding naar het eerste elftal. Op de ranglijst bij alle clubs die bij de UEFA zijn aangesloten, moet Athletic twee clubs voor zich dulden. Opmerkelijk is de 48e plaats van Ajax, dat was toch de club die in heel Europa werd geroemd om de jeugdopleiding. Maar er blijkt nog heel wat werk te liggen voor Van der Sar, Overmars en kornuiten.

Anuncios

Kampioensschuit als museumstuk

29/04/2014

In mijn post van 9 april beloofde ik op mijn weblog meer aandacht te gaan besteden aan Bilbao en echt niet alleen maar om de reis te promoten die ik samen met SRC-Cultuurvakanties aanbied in augustus. Meer informatie over die 6-daagse reis in diezelfde post. Omdat Bilbao veel meer is dan het Guggenheim alleen, staat deze post in het teken van een ander museum in de stad: het Maritiem Museum, waar tot eind september de kampioensschuit van Athletic de Bilbao kan worden bewonderd.

047

Wat Cibeles is voor Real Madrid, Canaletas voor Barcelona en Neptunus voor Atlético, dat is de Ría voor Athletic de Bilbao. Op het water worden de kampioenschappen gevierd in een ambiance die bij ons Nederlanders de herinneringen bovenhalen aan de legendarische rondvaart door de Amsterdamse grachten in 1988. De kampioensschuit voer twee keer uit; in 1983 en een jaar later, toen Athletic de dubbel pakte, dit jaar precies dertig jaar geleden. Duizenden mensen op de kade, en tientallen bootjes die de  trekschuit met de spelers omringden. Twee jaar geleden kreeg de schuit een nieuw laagje verf en heel voorzichtig werden de knopen uit de scheepstrossen gehaald, toen Athletic in één seizoen de eindstrijd haalde van de Spaanse beker én de Europa League. Maar beide wedstrijden werden verloren, athletic gabarrarespectievelijk tegen Barcelona en Atlético de Madrid. De Gabarra bleef aan de kade in de haven van Bilbao in Santurtzi en is nu overgebracht naar het Maritiem Museum, waar het op een werf ligt te poseren. De kampioensschuit is een museumstuk geworden. Want ook dit jaar zal de schuit niet uitvaren, al is de kans groot dat Athletic op de vierde plaats zal eindigen, een plaats die recht geeft om deel te nemen aan de voorronden van de Champions League. Dat is ook een feestje waard. In het museum heeft Athletic tot 28 september een eigen hoekje gekregen. Met videobeelden en krantenknipsels wordt aandacht besteed aan de laatste triomftocht van Athletic op de Gabarra.

Overigens is het een interessant museum, het Maritiem Museum van Bilbao. Niet zo verwonderlijk voor een stad die een rijk verleden heeft als havenstad. Vanaf de veertiende eeuw kreeg Bilbao het monopolie om handel te drijven langs de Ría. De wol van Castilië werd vanuit Bilbao verscheept. Voor de goede orde, een ría is een rivier die wordt gevoed door water uit zee. Een rio brengt het water vanuit het land naar de monding. De Ría was 049eeuwenlang de economische levensader van Bilbao. Het is ook niet voor niets dat de belangrijke gebouwen van Bilbao, zoals het theater van Euskalduna, het Guggenheim, het gemeentehuis, het theater van Arriaga, de overdekte markt en ook het Maritiem Museum aan de rivier staan. Het museum is een aanrader voor wie van modelbouw houdt. Er is een grote variëteit aan miniatuurschepen, waarvan de originelen ooit werden gebouwd op de werven van Bilbao of aanlegden in de haven. Buiten liggen de echte schepen, waaronder tot eind september dus de Gabarra. En daar op de kade staat ook La Carola. Als een statige ooievaar, met de snavel die wijst naar het wateroppervlak. Ze hebben haar vurig rood opgemaakt, haar maten zijn 60 bij 30 meter en ze is een hijskraan. Een stille, elegante getuige uit de tijd dat hier de scheepswerf van Euskalduna was.   De hijskraan kreeg de naam omdat er pal naast iedere dag een beeldschone blonde vrouw de rivier overstak. Haar naam was Carola en iedere keer als ze over de kade wandelde, draaide de hijskraan met haar mee. Carola is ook een museumstuk geworden, maar wie weet, zal zij ooit de Gabarra nog een keer langs zien varen.

 

Pichichi: hij die veel doelpunten maakt

24/11/2012

Messi is Pichichi, Van Nistelrooy was het ook eens, net als Hugo Sanchez, Di Stefano en Kempes. Maar Pichichi zelf was nooit Pichichi. Pichichi was de bijnaam van Rafael Moreno Aranzadi. Hij die veel doelpunten maakt, zou zijn naam betekenen en met die naam werd hij gedoopt door zijn vriendjes op straat. Pichichi was een van de belangrijkste spelers uit het verre verleden van Athletic de Bilbao. Rafael Moreno speelde tussen 1911 en 1921 voor de club. Dat was in een tijd dat er nog geen landelijke competitie bestond. Vijf keer werd hij kampioen met de club in de regio Noord en vier keer won hij de Copa del Rey. Op de Olympische spelen van Antwerpen in 1920 won hij de zilveren medaille na de overwinning op Nederland. Het werd 1-3 en een van de doelpunten werd gescoord door Pichichi. Hij was de eerste speler die een doelpunt scoorde in San Mamés, bij de opening van het stadion tegen Arenas de Getxo. Op de foto van een schilderij van de Baskische schilder José Arrue boven deze post is Pichichi de vierde speler van rechts. Pichichi speelde als linksbinnen en scoorde in 17 landelijke wedstrijden 10 doelpunten en in de regionale competie was zijn score 68 doelpunten in 72 wedstrijden. Dat waren voldoende doelpunten voor de sportkrant Marca om vanaf het seizoen 1952-1953 de topscorerstrofee naar deze Baskische aanvaller te noemen. Een mooi gebaar naar Pichichi die al op 29-jarige leeftijd overleed, er wordt gezegd aan tyfus, veroorzaakt door het eten van bedorven oesters. Het gebaar van Marca is een mooi voorbeeld van hoe Spanje met zijn helden omgaat. Op de ere-tribune van San Mamés staat een buste van Pichichi. Bij Athletic bestaat nog steeds de traditie dat de aanvoerder van een voetbalclub die voor het eerst in San Mamés speelt, samen met de aanvoerder van de thuisclub een bloemenhulde brengt aan Rafael Moreno Aranzadi, die overigens een neefje was van Miguel de Unamuno, de beroemde schrijver en filosoof.  Op de ranking van Pichichi komen twee Nederlandse spitsen voor. In het seizoen 2002-2003 won Roy Makaay de trofee, nadat hij met Deportivo la Coruña in 38 wedstrijden 29 doelpunten had gescoord. In 2007 won Ruud van Nistelrooy de prijs. Hij maakte voor Real Madrid 25 doelpunten in 37 wedstrijden. De eerste aanvaller die de prijs kreeg overhandigd, was uitgerekend een clubgenoot van Pichichi; Telmo Zarra. Voor de prijs werd ingesteld was Zarra al vijf keer eerder topscorer geweest, waardoor hij met zes trofeeën  de meeste ´Pichichis´ heeft binnen gehaald. De doelpunten die Marca telt, worden niet meegerekend bij de competitie van Europees topscorer. Daar worden de doelpunten geteld die op het scheidsrechtersformulier komen. Want de gegevens van Marca en het arbitrale korps komen niet altijd overeen.  Een paar seizoenen geleden was er onenigheid over een omstreden doelpunt van Cristiano Ronaldo in de wedstrijd tegen Real Sociedad. De Portugees schoot op doel, maar de bal werd van richting veranderd door Pepe en verdween daarna in het doel. De sportkrant Marca schreef het doelpunt op naam van Ronaldo, in het rapport van de scheidsrechter was Pepe de doelpuntenmaker. Een mooie plaats om over zulke details eindeloos te discussiëren is de bar (waarvan ik nooit de naam kan onthouden) in de calle Somera in de oude wijk van Bilbao. Tegenover de bar hangt aan de muur een reusachtige kopie van het schilderij van Arrue, dat in de jaren vijftig werd gemaakt en bij toeval tientallen jaren later ergens boven op een kast werd gevonden.