Archive for the ‘Uncategorized’ Category

Terug naar de Rastro

12/09/2016

img_7644

In augustus was het precies vijftien jaar geleden dat ik in deze straat neerstreek, calle de mira el rio alta. Tenminste, mijn balkon keek uit op deze straat. De ingang van het appartementencomplex lag in een straat om de hoek, in de calle del Bastero, nummer 13, de derde etage, en er was geen lift. Niet dat dat een groot probleem was, zoveel spullen had ik niet bij me. Het appartement was al ingericht en ik deelde het met twee Spaanse jongens en een Zwitsers meisje. Ik kreeg de tip dat er een kamer vrij kwam van een collega. Ik belde ergens in juni met de vraag of ik er dan in augustus kon intrekken. Er werd geen loting of selectie gehouden. Ik had gebeld en dus zou de kamer voor mij zijn, ook al zou ik er pas twee maanden later intrekken. Het appartement lag midden in de Rastro, in de wijk van de antiekmarkt die iedere zondag wordt gehouden. In de wijk wemelt het van de antiekzaakjes. Op zondag zetten de eigenaars veel spullen op straat om kopers te lokken.

Uren bracht ik door op het balkon om te lezen over Spanje, maar ook om naar Spanje te kijken en te luisteren. Ik zal nooit meer vergeten hoe op een dag een meisje vanaf het balkon aan de overkant van de straat aan me vroeg hoe laat het was. Ze was rond de veertien jaar. Ze had een prachtig gezichtje met donkere ogen en lang zwart haar. Ze was ongetwijfeld van Andalusische afkomst, want in de wijk woonde een grote Andalusische gemeenschap. Toen ik haar de tijd vertelde, bedankte ze me met een sierlijk en sensueel handgebaar waarmee Carmen de hele tabaksfabriek in vuur en vlam had kunnen zetten. Vanaf het balkon hoorde ik uitgebreide wedstrijdanalyses van de oude mannen van de antiekwinkels over vooral Atlético Madrid, want dat was de club bij ons in de buurt. Mijn Spaanse huisgenoten heetten Nacho en Pipo, die laatste naam was een bijnaam, zijn eigenlijke naam heb ik volgens mij nooit geweten. De Zwitserse vriendin van Pipo studeerde Kunstgeschiedenis. Nacho zocht in die tijd zijn weg in de wereld van het theater. img_7640Jaren later,  nadat ik al was vertrokken uit de Rastro kwam ik hem tegen tijdens een zapronde langs de Spaanse televisiekanalen. Hij had de rol van conciërge in een humoristische serie. De afgelopen weken speelde hij in een theater om de hoek bij het hotel waar ik dankzij Jeroen Bosch een kleine maand mocht doorbrengen. Na afloop van een van de voorstellingen wachtte ik hem op bij de artiesteningang. Toen hij naar buiten kwam, herkende hij me onmiddellijk. Hij woonde niet meer in hetzelfde appartement. Pipo en Melany waren naar Luxemburg verhuist, vertelde hij me. We zouden elkaar nog wel een keer tegenkomen op de Rastro om een biertje te drinken. De Rastro is na vijftien jaar niets veranderd. Net zo min als de Spaanse gewoonte  om afspraken niet in een agenda vast te leggen, maar spontaan te laten gebeuren. Dus wie weet zal ik Nacho over een jaar of vijftien tegenkomen op de Rastro.

Tips voor een tochtje langs de kust

23/08/2012

Sinds we aan de kust wonen, hebben we in de zomer opeens veel meer vrienden dan in de winter. Dat is natuurlijk niet zo verwonderlijk. Je kunt ze geen ongelijk geven om in de zomer langs te komen en te genieten van de prachtige Cantabrische kust (en natuurlijk van onze gastvrijheid…). Kan het in een stad weleens gaan vervelen om met familie of vrienden weer hetzelfde traditionele rondje langs de monumenten te lopen, zeker als het ook nog eens je werk is, een tochtje langs de kust bij Bilbao doet dat zeker niet. Dit keer was er familie uit Barcelona over, die we eerst meenamen naar de kerk van San Juan de Gaztelugatxe, gelegen op een rots tussen Bermeo en Bakio. Laat ik gelijk de route er bij vermelden, en echt niet om te voorkomen dat mensen aankloppen om ook met ons dit uitstapje te maken. Vanuit Bilbao neem je de weg naar het vliegveld en dan de BI631 richting Bermeo. Vervolgens neem je de afslag naar Bakio en in deze badplaats volg je de roze borden naar San Juan de Gaztelugatxe. Je kunt de auto parkeren bij een restaurant en daar te voet de afdaling naar de rots beginnen of doorrijden over de kustweg, die overigens doodloopt nu de nieuwe weg klaar is, naar een parkeerplaats en daar over een geasfalteerde weg afdalen. Deze weg is minder steil, maar wel een stuk langer. Als je het pad bij het restaurant naar beneden neemt, sta je binnen een kwartier bij de eerste van 231 traptreden die naar het heiligdom leiden. Van San Juan is het maar een klein stukje over de nieuwe, wat hoger gelegen kustweg BI3151 naar Bermeo, een klein vissersplaatsje, waar het aan de haven op een van de terrasjes heerlijk bijkomen is na de inspanningen. De auto kun je zonder problemen, gratis in de haven parkeren. Bijna direct naast Bermeo ligt aan dezelfde kustweg het nog kleinere vissersplaatsje Mundaka waar de ingang is naar de baai van Urdaibai, een beschermd natuurgebied. Als je vanaf Bermeo de tweede afslag van Mundaka neemt, kom je langs het 60 meter brede strandje van Laidatxu. In 1991 kwam ik hier met vrienden voor het eerst en zoals ik al eerder vertelde, is het de plaats geworden, waar mijn gezonde verslaving aan Spanje begon. Met culturele gasten rijden we vervolgens langs Urdaibai naar Gernika om de beroemde eik en het Casa de Juntas te bekijken. Maar onze jeugdige familie wilden we niet vervelen met een boom. Daarom reden we naar Barikka, een gehucht tussen Plentzia en Sopelana. Je kunt er komen door terug te rijden naar Bakio en daar de kustweg te volgen. Maar dat is een weg met ontelbare, scherpe bochten. Beter is om via Bermeo naar Mungia te rijden en daar de BI2120 te nemen richting Plentzia. Als je Plentzia uitrijdt hou je de borden naar Getxo aan. Net buiten Plentzia ligt Barikka. Op de eerste rotonde die je na Plentzia tegenkomt ga je rechts en zie je gelijk al verschillende terassen. Het terras met het mooiste uitzicht hoort bij de hele jaar door geopende paviljoen El Golfo Norte. Vanaf dat terras kun je de grillige kustlijn volgen tot aan Laredo. Na zonsondergang zie je de lichtjes van de haven van Bilbao en van de plaatsen Muskiz en Castro Urdiales. Maar het mooiste moment is net voor de zon verdwijnt. De foto boven deze post laat het terras zien. De foto hieronder, genomen vanaf het terras, laat het uitzicht zien waarvan we konden genieten. En al genietend vraag je je af, waarom, juist nu in de vakantieperiode, de wegen die ik hier boven heb genoemd niet uitpuilen. De Cantabrische kust blijkt opmerkelijk genoeg voor velen nog een onbekend stukje Spanje. Zelfs mijn SRC biedt vanaf volgend jaar de reis naar het Baskenland niet meer aan omdat er te weinig belangstelling voor bestaat. Misschien moet ik maar eens iets gaan ondernemen.  

De Peruaanse uitdaging

08/04/2011

 

Als we dan toch plagiaat plegen, dan maar gelijk goed en ook de kop overnemen van de column die de Argentijnse journalist Andrés Oppenheimer twee maanden geleden schreef in de Argentijnse krant El Clarín. De verkiezingscampagne in Peru was toen net van start gegaan. Toen, in februari gingen de gematigde centrum-rechtse kandidaten nog aan de leiding in de opinie-peilingen. Alejandro Toledo stond op 28%, gevolgd door Keiko Fujimori (20%), Luis Castañeda (20%), Ollanta Humala (11%) en Pedro Pablo Kuczynski (5%). Nu, twee dagen voor de Peruanen naar de stembus gaan, zijn Keiko en Humala de favorieten, tot grote vrees van de gematigde centrum-rechtse kandidaten die vooral bang zijn voor Humala die ze zien als een handlanger van de Venezolaanse president Chavez. Al trok hij tijdens de verkiezingscampagne snel zijn rode hemd uit, toen hij in de eerste peilingen op 5 procent bleef steken. Zijn meer gematigde houding heeft zijn populariteit doen toenemen. Maar terug naar de column van Oppenheimer, in Lima zag ik overigens in een boekhandel een werk van de journalist met de alleszeggende titel: Basta de Historias, La Obsesion Latinoamericana con el Pasado y la Clave del Futuro, vrij vertaald: Genoeg over de Geschiedenis, De Latijns-Amerikaanse obsessie met het verleden en de Weg naar de Toekomst. Naast een voorbeschouwing op de verkiezingen, gaf Oppenheimer, die ook regelmatig voor El País schrijft,  in het tweede deel van zijn column een goede analyse van de ontwikkeling van Peru op dit moment. Hieronder een vrije vertaling uit een deel van zijn column.  

(..) ”Waarom steunen de Peruanen de centrum-rechtse kandidaten? Vooral omdat de economische situatie de laatste twintig jaar stabiel is en integreert in de wereldeconomie en dat heeft zijn resultaten opgeleverd. Een groot aantal Peruanen is uit de armoede gekropen. Volgens berekeningen van de Wereldbank is in de laatste tien jaar het percentage Peruanen dat onder de armoedegrens leeft gedaald van 54% naar 35%. Maar Peru is er nog niet bovenop. De laatste generatie presidenten die het land heeft geregeerd, verdient krediet omdat ze Peru op de goede weg wisten te houden, maar alleen op economisch gebied. Peru heeft geprofiteerd van de hoge prijzen van verschillende grondstoffen. En op het politieke vlak hebben de kandidaten van de centrum-rechtse partijen geprofiteerd van de populariteit van Keiko Fujimori in de rurale gebieden, waar ze  stemmen bij Humala heeft weggehaald. Maar Peru hangt, zoals de zakenman en schrijver Ben Schneider me vertelde, een nieuwe bedreiging boven het hoofd; die van zelfgenoegzaamheid.  Veel Peruanen vergissen zich door te denken dat het land verder kan groeien en de armoede verder kan terugdringen zonder veranderingen door te voeren in de economie en het onderwijs, vertelde Schneider me. Ik ben het met hem eens. De groei van Peru zal niet langdurig zijn als het land geen maatregelen neemt om het niveau te verbeteren in het onderwijs, technologie en infrastructuur om te kunnen concurreren op de  wereldmarkt. Op de concurrentie-index van 139 landen die het World Economic Forum in januari publiceerde, neemt Peru de 73e plaats in, Chile staat veertig plaatsen hoger. Uit een onderzoek van PISA, een organisatie die onderzoek doet naar de vaardigheden van studenten,  kwam Peru van de 65 landen op de 63e plaats uit. Van de Latijns-Amerikaanse landen die deelnamen, kwam Peru zelfs op de laatste plaats uit. Als het gaat om het inscrhijven van patenten, registreert Peru amper één patent per jaar, ter vergelijking; Zuid-Korea registreert er jaarlijks 8.800. Peru verdient, net als Chile en recent ook Brazilië, krediet door in te zetten op investeringen en een stabiele economie. Maar om definitief af te rekenen met de armoede moet de president die gaat winnen eerst afrekenen met het syndroom van zelfgenoegzaamheid om bovenstaande alarmerende cijfers te verbeteren.”

Vanuit het slaapkamerraam

14/02/2011

Toen ik in 2008 voor het eerst in La Paz was, klom ik gelijk naar het park Killi Killi, gelegen op een heuvel in de stad, vanwaar het uitzicht fantastisch is.  Alleen daar, en langs de weg als je de stad nadert, krijg je een idee van de stad. La Paz is een enorm mierennest in een ravijn, omringd door bergen volgebouwd met huizen, waarin mensen wonen die iedere ochtend naar beneden komen om naar de winkel, school of het werk te gaan. Van boven hoor je het getoeter van de auto´s, zie je het gekrioel in het onmogelijke verkeer, de kraampjes die de trottoirs vullen, waardoor de voetganger zijn leven in de waagschaal moet stellen op de straat, waar de combi´s langsrazen. Daar helpt geen enkele als zebra verklede verkeersbrigadier aan. Als je een paar uur beneden in de stad bent, verlang je snel terug naar het park. Terug in La Paz zie ik het allemaal vanaf mijn kamer op de negende verdieping van hotel Presidente, een groot gifgroen vijfsterrenhotel midden in het centrum. De lelijke kleur groen valt gelijk op vanaf het uitzichtspunt. Maar aan de binnenkant heeft het hotel zeker charme. Tijdens mijn eerste verblijf in La Paz sliep ik nog voor 70 bolivianos (ongeveer 7 euro) in het kleine hostal Copacabana, in de calle Illampu, net achter de heksenmarkt, waar ook het bijzondere Cocamuseum is. Toen was ik zelf op reis en moest het allemaal wat goedkoper, maar nu ben ik reisleider in La Paz en lag de sleutel van kamer 908 voor mij klaar en heb ik nu een king-size bed, een jacuzzi en een fantastisch uitzicht op de lichtjes die schitteren vanaf de bergen rond de stad. Een reisleider heeft het zo slecht nog niet, wordt er dan gezegd. Maar in zo´n enorme kamer kun je ook heel eenzaam zijn, en zeker op Valentijnsdag…

El rey es sexi y el papa usa pirsin

03/01/2011

De grote taalkundige Nebrija zei het al in de vijftiende eeuw; laten we het ons niet te moeilijk maken en de woorden opschrijven zoals we ze uitspreken. Mocht in Spanje ooit het Groot Nationaal Dictee worden gehouden, dan zou de score best goed kunnen uitpakken. Spanjaarden hebben nog wel moeite om een b te schrijven als het een v moet zijn en andersom. Dat is wel te begrijpen, want de v wordt ook als een b uitgesproken. Maar veel lastiger maakt de Spaanse taal het niet, onder andere dankzij Nebrija, de man die in 1492 de regels voor de grammatica opstelde en drie later de auteur was van het eerste woordenboek van de Spaanse taal. Dankzij Nebrija waren mijn cijfers voor dictee altijd wel in orde, maar ook dankzij mevrouw Wassens, mijn lerares op de meao in Utrecht, die zo duidelijk articuleerde dat bij woorden als ciudad of dirección het speeksel ons om de oren vloog.

Het nieuwe woordenboek van de Spelling telt bijna 800 bladzijden, vier keer zoveel als zijn voorganger die in 1999 verscheen. Achthonderd bladzijden om uit te  leggen dat de spelling verder is vereenvoudigd. De theorie van Nebrija komt vooral terug in de woorden die uit het Engels zijn overgenomen; het is nu de sexi mánayer met de pirsin die voor de mítin de cáterin gaat verzorgen. Het WK voetbal wordt in 2022 in Catar gehouden en niet in Qatar. De ch en ll worden niet langer als letters gezien en verdwijnen uit het alfabet, dat nu 27 letters gaat tellen. De koning en de paus raken hun hoofdletter kwijt, terwijl Roodkapje wel een hoofdletter krijgt. De taalkundigen wilden de i griega vervangen door de ye, om misverstanden te voorkomen, de y kun je in het Spaans uitspreken als i en ye (la vaca y la oveja en yo ya soy viejo). In Latijns-Amerika kennen ze de ye al, maar de Spanjaarden wisten deze wijziging tegen te houden, terwijl het uitgangspunt juist was om zoveel mogelijk overeenstemming te bereiken tussen Spanje en de Spaanstalige landen aan de andere kant van de oceaan. Maar dat de taalgebieden nog ver uit elkaar liggen, merk ik hier in Peru dagelijks. De eerste keer dat mijn vriendin mij voorstelde om een huevo sancochado te maken, schrok ik toch wel even. Over welke huevo had ze het, en wat betekende sancochar. Gelukkig wilde ze gewoon een gekookt eitje bij het ontbijt.  

Carme Chacón for president!

20/10/2010

Velen in Nederland zullen zich afvragen wie ze is. Vandaar eerst maar de foto, die twee jaar geleden de hele wereld over ging, toen Chacón als kersverse minister van Defensie de militaire parade afnam. Ze was toen zeven maanden zwanger. Ze was de eerste vrouw op die post en ook de eerste vrouwelijke minister die tijdens de zwangerschap een ministerpost aanvaardde. Om in militaire termen te blijven, deze jonge vrouw, 39 is ze, kan weleens het belangrijkste wapen worden van de PSOE om te voorkomen dat de PP van Rajoy de  verkiezingen gaat winnen. Deze zijn pas over twee jaar, maar houden de gemoederen nu al bezig. Gisteren werd in Spanje gedebateerd over de begroting voor het komende jaar. Premier Zapatero overleefde het debat dankzij de steun van de Baskische en Canarische nationalisten. Vandaag maakte Zapatero een flink aantal hervormingen in zijn regering bekend. Een aantal socialistische baronnen, Barreda van Castilië y La Mancha, en Tomás Gomez, die werd geboren in Enschede, maar dit terzijde, willen dat Zapatero nu al bekend maakt of hij over twee jaar zich weer kandidaat stelt, waarbij ze hopen dat hij dat niet doet. Zapatero is opgebrand, vinden ze, na alle kritiek die de premier over zich heen heeft gekregen nu het economisch zo slecht gaat met Spanje. En net als bij voetbal heeft iedereen een mening. Dus wil ik nu voorspellen dat Chacón de nieuwe leider van de socialistische partij wordt. Omdat ik de eerste wil zijn die dat openlijk zegt en met niet zo heel veel lezers en geen journalistieke verantwoordelijkheid kan ik dat ook wel doen. Maar er zijn ook wel argumenten. Chacón symboliseert een nieuwe generatie politici, is progressief, jong en gematigd nationalistisch, ze is gedeputeerde voor Barcelona. Ze is het gezicht van het moderne Spanje. In een interview met El Pais zei ze dat ze nog nooit een stierengevecht had bezocht. Het is een profiel waarin veel socialisten zich kunnen vinden.

Bovendien heeft ze de steun van Zapatero. Drie jaar geleden mocht ze, toen nog als minister van Huisvesting, op de trappen van Moncloa naast de premier een nieuw plan presenteren. Dat is niet gebruikelijk en werd uitgelegd als een compliment voor het werk van de minister. Zoals het met een dikke buik paraderen voor het leger langs ook een grote symbolische waarde had.

Ajax tegen de club van 450 miljoen

16/09/2010

Het verschil tussen Ajax en Real Madrid werd een paar dagen voor de wedstrijd al duidelijk, toen de steenrijke president van Real Madrid, Florentino Pérez de cijfers van de club presenteerde. Real Madrid had in het vorige seizoen een winst behaald van bijna 24 miljoen euro, de inkomsten bedroegen 442 miljoen en voor volgend seizoen gaat de club uit van 450 miljoen aan inkomsten en 19 miljoen aan winst. Er staat nog wel een schuld van 245 miljoen, maar zolang de president met zijn inmense kapitaal daar garant voor staat, is er niets aan de hand. Pérez is de cijferkoning van Real Madrid, al werden door sommige bestuurders wel wat vragen gesteld bij de voetbalkennis van de president. Real Madrid staat al twee jaar droog, dus langzaam wordt iedereen nerveus. De wedstrijd tegen Ajax kwam net op tijd, al gaven veel Madrilenen na afloop ook wel toe dat Ajax niet meer het Ajax van vroeger is. De naam roept veel historie op, maar in de realiteit was het eigenlijk alleen Stekelenburg die respect afdwong. Ook de supporters die zich ´s middags op de puerta de Sol verzamelden werden wat meewarig nagekeken door de Madrilenen. Ze hingen wat rond een fontein, schoten plastic ballen in de lucht, die uiteindelijk door de lokale politie werden afgepakt, en zochten de schaduw op van het terras. Het leek wel of niemand echt in een goed resultaat geloofde tegen de Koninklijke met al die sterspelers. De sfeer was heel anders dan nog geen maand geleden toen Ajax de beslissende wedstrijd tegen Dinamo Kiev speelde. Het Rembrandtsplein deed toen op de middag van de wedstrijd weer een klein beetje denken aan de heroïsche Europacupmiddagen in de jaren negentig en in de metro naar de Arena was het weer een ouderwetse dolle boel. Toen ging het om kwalificatie voor de Champions League, voor het Ajax-bestuur vooral belangrijk om wat meer geld in kas te krijgen. Maar op het miljoenenbal blijft Florentino Pérez de koning.  

Een museum om in te smullen

05/09/2010

Alleen de aanbieding die in de etalage hangt, is al aantrekkelijk genoeg voor ons Nederlanders om naar binnen te gaan, een broodje ham of kaas voor één euro. En dat óp de plaza Mayor van Madrid. Het kan bij het museo del jamon in Madrid, het enige museum in de Spaanse hoofdstad waar je mag opeten, wat wordt tentoongesteld. En dat zijn eindeloze rijen met hammen, de jamon serrano. Het is weliswaar niet de allerbeste kwaliteit ham, daarvoor moet je de jamon iberico de bellotas hebben, die afkomstig is van de varkentjes die voor ze naar de slacht gaan nog kilo´s eikeltjes van de steeneik hebben gegeten. Een schotel met die plakjes exclusieve ham kost in hartje Madrid al snel 20 euro. Je kunt ook veel meer eten dan alleen maar ham in dit bijzondere  ‘museum’, een keten met verschillende vestigingen in het centrum van Madrid, aan de plaza Mayor, de calle Mayor, de paseo del Prado en de carrera de Jeronimos. Alles is spotgoedkoop. Het restaurant is zowel populair bij toeristen als bij de Madrilenen. Wie op een zondag er een hapje wil eten, moet vroeg gaan, vanaf half twee staat men in de rij te wachten op een tafeltje dat vrijkomt. En die komen aardig snel vrij. Het personeel is snel en efficient, binnen een half uur kun je een kop bouillon, een dagschotel met twee varkenslapjes, sla met tomaat, gebakken ei, patatjes en brood nuttigen en de lunch binnen dezelfde tijd nog afronden met een kopje koffie. En dat alles voor iets meer dan 10 euro. Ideaal dus als je niet teveel tijd en geld wilt steken in de lunch. En handig voor degenen die de Spaanse taal niet machtig zijn, is dat op de menukaart foto´s zijn afgebeeld van de verschillende schotels, zodat je ook kunt zien wat je gaat eten. Zie de restaurants niet als een ordinaire vreetschuur, geen type Van der Valk. Het hammuseum aan de calle mayor, waar ik zondag even snel wat at, is sfeervol ingericht met een prachtig vormgegeven plafond en spiegelwand. En de kwaliteit van het eten is acceptabel, zeker voor die prijs en voor de lokatie, in het centrum van de stad. Het succes van het museo del jamon heeft inmiddels navolging gekregen. Je hebt in Madrid en ook in andere steden bijvoorbeeld ook een palacio de jamon en catedral de jamon.

Uitzichtspunt met terras

10/08/2010

 

Lissabon is gebouwd op een aantal heuvels. Zeven, zeggen de inwoners om hun stad te vergelijken met Rome. Maar misschien zijn het er nog wel meer, en dus heb je overal in de stad prachtige uitzichtspunten, miradouros. De mooiste blik op de stad is misschien wel vanaf het kasteel van de Heilige Joris. Het geeft bijna een totaalbeeld van de hoofdstad, met de Taag, de brug van 25 April, de Baixa, Barrio Alto en de avenida da Liberdade die als een groen lint omhoog slingert naar het park van Eduardo VII. Ook aan de bovenzijde van dit park heb je een mooi uitzicht. Heel goed is dan te zien, meekijkend over de schouder van het beeld van de markies van Pombal, hoe de laaggelegen wijk Baixa ligt ingeklemd tussen Alfama en de Barrio Alto. Vanuit het parkje naast het eindpunt van het trammetje dat van het plein van Restauradores bijna steil omhoog rijdt, heb je een prachtig uitzicht op het kasteel. Maar op geen van deze uitzichtpunten tref je een terras aan, en daarom blijft de miradouro van Santa Catarina mijn favoriet. Het kijkt uit over de Taag en lijkt nog helemaal niet zo ontdekt te zijn. Al wordt het terras ongetwijfeld genoemd in de reisgidsen, want er kwamen verschillende toeristen al lezend in hun reisgids het terras op. Het terras is klein, stond zelfs niet eens helemaal uit, terwijl door het heerlijke briesje dat vanaf de Taag over het terras waaide, dit een van de prettigste plaatsen in de stad was op deze warme zaterdagmiddag in Lissabon. De parasols en bomen gaven ook voldoende schaduw. Geen betere plaats dus om naast de bloeiende oleanders van een fles goedgekoelde Superbock te genieten en natuurlijk van het uitzicht. Je bereikt het terras door achter het plein van Luis de Camões de Rua do Loreto in te lopen. Na de Rua da Bica, waar tegenwoordig de ´zilvertram´doorheen rijdt, komt de Marechal Saldanha straat. Aan het einde van deze straat ligt aan de straat van Santa Catarina het uitzichtspunt met parkje, terras en de kiosk Adamastor. Zo wordt het uitzichtspunt ook wel genoemd, naar het standbeeld van dit zeemonster uit de Griekse mythologie dat door Luis de Camões in zijn werk Os Lusiadas werd gezien als de bewaker van de Indische oceaan die zich ophield bij Kaap de Goede Hoop. Wie op warme dagen overigens liever niet omhoog wil wandelen, kan ook tram 28 nemen. De tram heeft een halte in de Rua do Loreto.

Het kuuroord van Curia

06/08/2010

 

Het was wel even wennen, toen we twee jaar geleden van hotel wisselden in Coimbra. Niet langer een hotel in het centrum van de universiteitsstad dus ook geen (nachtelijk) uitstapje meer naar de bar Dilligencia. Nu logeren we in Curia, in Grande Hotel de Curia op een half uurtje rijden van Coimbra. Onderweg, over de oude nationale weg naar Porto, de N1,  bieden alle restaurants langs de weg de specialiteit van de streek aan, speenvarken. Op de rotonde voor de plaats Mealhada staat zelfs een momument voor het speenvarken. Een vrolijk lachend biggetje op een sokkel, waarin zijn toekomst staat gegraveerd; een kok voor de oven. Net voor de plaats Curia is de afslag naar het kuuroord van de plaats, waar ook het water van Luso vandaan komt. Het staat op de negende plaats van meest radioactieve wateren. Met 27,6 graden komt het uit de bronnen borrelen. Het gebied werd in de 19e eeuw ingericht met een aantal pompeuze hotels. Zoals Hotel Grande, links op de foto, en ons hotel Grande Hotel de Curia. Stond vanochtend nog even met de directeur te praten, de derde in twee jaar tijd. Het valt ook niet mee directeur te zijn van zo´n enorm hotel, waar de verf aan alle kanten afbladdert. Hij heeft de zware taak het hotel te renoveren. Het hotel dateert uit 1881 en is een prachtig voorbeeld van vergane glorie. Een balzaal als restaurant met prachtige kroonluchters, een haardzaal met fauteuils, waar je nauwelijks meer uitkomt. Het is een ambiance om voor de haard een boek te lezen met een grote bel brandy en een dikke sigaar. Maar er is ook een spa, een binnen- en buitenzwembad en naast het Hotel Grande ligt ook een nieuwe golfbaan. In de omgeving ligt ook het paleis van Busaco, waar ooit Salazar nog de vakantie doorbracht en zijn ministerraad in de zomermaanden bijeenriep. Zijn belangrijke gasten stuurde hij naar Curia. In de Tweede Wereldoorlog zouden hoge Duitse officieren op uitnodiging van Salazar naar het kuuroord zijn gekomen. Waarschijnlijk was het daarom dat de directeur zich niet meer precies kon herinneren welke beroemde gasten ooit in het hotel hadden gelogeerd.